Hartaanval tijdens Mentale Knipbeurt

Jeremy is een mooie jongen: flink gebruind, strak gekapt, lichte zomerbroek, hippe polo, riem en zomerschoenen passen bij elkaar. En uiteraard een kostbaar horloge. De man straalt succes uit, imponeert, directief en weet duidelijk wat hij wil.

M: Jeetje , jij ziet er echt strak en goed uit
En wat een prachtig horloge heb je trouwens, mag ik eens zien?
J: [straalt licht arrogant] Ja, dat is een….
A: [onderbreekt] Wat is jouw probleem Jeremy? Het is in ieder geval niet financieel, geen gebrek aan zelfvertrouwen, relatie of stress?
J: Ik wilde net even iets over mijn horloge vertellen aan hem [wijst naar Martijn]
A: Hij heet Martijn. Wat is jouw probleem Jeremy? Jouw horloge zeker niet toch? Ben je slecht in namen? Vinden mensen je arrogant? Wat is het?
J: Mijn meissie vroeg me naar jullie te gaan…tja.
A: Ben je haar naam ook al vergeten. Jimmy?
J: Het is Jeremy.
A: Heet je meissie Jeremy Jimmy?
J: [zachter] Elske…ze heet Elske, en we hebben twee zoons, Mees en Sam.
A: Mooie namen, makkelijk te onthouden ook. Ik vraag het nog een keer Jimmy? Wat is jouw probleem!
J: Mijn vrouw maakt zich zorgen over me, ze vindt dat ik veel te hard werk.
M: [lacht stoer] Maar dat ziet ze natuurlijk verkeerd. Je krijgt er veel energie van toch? En je bent heel erg goed.
J: [zakelijk, duidelijk] Inderdaad, mijn werk is superbelangrijk voor me. Ik zou niet anders willen.
M: Dus jij hebt geen probleem, Elske heeft een probleem. Ze moet gewoon niet zo zeuren toch?
J: [weifelend] Nou…
A: Jimmy, je gaat…
J: Het is JE-RE-MY
A: Die Elske van jou moet gewoon accepteren dat jij succesvol bent en bakken met geld verdiend. Daar hoort keihard werken gewoon bij. Dat je daarmee je huwelijk en kinderen veel minder aandacht kunt geven is logisch. Dat heeft iedere succesvolle man, Elon Musk ook.
J: Ja, dat wel
A: Nou dan. Geef me je telefoon, dan bellen we haar gelijk om dat te zeggen.
J: [schrikt] Nou..ehh..
M: En zeggen we gelijk dat zij een probleem heeft en even bij ons moet langskomen in plaats van jou te sturen
J: [zacht] Misschien heeft ze wel een punt
A: [duidelijk en hoog tempo] Jimmy wat zeg je nou?! Doe es ff normaal man. Natuurlijk vul je jouw dagen, avonden en soms nachten met keihard door werken. Je wilt toch de beste zijn?
J: [besmuikt] Ik zat laatst ook al bij de huisarts….bloeddruk hoog; hartkloppingen.
M: [stoer] Niet naar luisteren. Die huisartsen zijn veel te voorzichtig en willen natuurlijk geen risico nemen. Dat noemen ze risico-avers. Typische zorgverleners. Maar jij bent een zakenman toch? Risico nemen is jouw werk. Een beetje hoge bloeddruk…
A: Jimmy wordt een beetje bleek, Martijn….gaat het wel goed met hem?
M: Shit, ik zie het. 112 bellen, denk je?
J: Ik ben laatst wel geschrokken, mijn hart ging als een gek tekeer….dat heb ik Elske maar niet verteld.
M: [staat op, gaat achter Jeremy staan]. ”Geachte aanwezigen, lieve Elske, Mees en Sam…..Wat zullen jullie je vader gaan missen! Een bijzonder mens is plotseling heengegaan. Jeremy was een harde werker, een echte doorzetter, hard van buiten en zacht van binnen. Hij had nog zoveel dromen met jou Elske..en natuurlijk met jou Mees en met jou Sam [doodse stilte]. Hij voelde de fatale hartaanval niet aankomen, ondanks jouw signalen Elske en…….
J: [rustig, waterige ogen] Wow mannen….wow mannen…
[Stilte, Jeremy slaat zijn handen voor zijn ogen…..Martijn en Arno bewegen niet]
J: Dit komt wel binnen zeg….. [ stilte] Dit is precies waar ik bang voor ben…..

[Arno en Martijn leggen een hand op zijn schouder]

J: Wat ben ik toch een zakkenwasser! Ik moet natuurlijk beter oppassen, ik herken de signalen, de stress en weet dat ik iets moet veranderen. Zo kan het niet langer. Ik heb een gezin….

[Jeremy huilt zacht…eerlijk gezegd zijn wij ook onder de indruk]

Na een minuutje sluiten we af. Zonder contract deze keer. Dat voelt ongepast en zeker niet nodig! Jeremy geeft ons een hug. We zijn er stil van. Wow!


Tegen beter weten in.

We zijn in Utrecht bij een grote organisatie als een goed verzorgde vrouw van begin dertig de coachsalon binnen stapt. Enigszins weifelend neemt Irene plaats.

A: Irene toch?
I: Ja klopt.
A: Wat is het probleem?
I: Ik twijfel over mijn relatie.
A: Dat is toch prachtig! Je bent gewoon een kritische zelfbewuste vrouw die af en toe de balans opmaakt. Daar blijf je heel fit bij. En twijfelen doen we allemaal wel eens. Dus ik zie het probleem niet.
I: Nou, het is echt niet goed!
A: Dat is duidelijk. Dan moet je er mee stoppen. Je bent er al uit en durft het alleen niet te beëindigen, toch?
I: We zijn al zeven en half jaar samen, hebben een huis en het is echt wel fijn.
A: Tja, in dat geval zou ik het niet stoppen. Huisje boompje beestje, bijna acht jaar, tja dat geef je natuurlijk niet zomaar op. Wel begint de sleur vanaf dat moment en heb je nog ruim vijftig jaar voor je. Maar ik zou dit niet opgeven…
I: We hebben natuurlijk wel van alles opgebouwd.

M: Precies. Doorgaan.
I: Maar het is al twee jaar niet meer echt leuk.
M: Nou, ik zou doorzetten. Je kent de cyclus van zeven jaar toch? Zeven goede en zeven slechte jaren. Dus nog zesenhalf jaar en dan is het weer goed.
I: [schiet in de lach] nou, als dit nog langer duurt ga ik ermee stoppen.
M: Niet doen. Zijn je ouders nog bij elkaar?
I: Ja?
M: Hebben zij het altijd makkelijk gehad?
I: Nee, dat denk ik niet
M: Dus, wat leer je daarvan?
I: Pfff, ja, nou, ja…dat is heel hard werken
M: Het gaat niet vanzelf Assepoester! Jij wilt gewoon een prinsesje zijn, alles moet roze, lief en mooi. Maar soms is het even niet roze en moet je werken aan je relatie!

I: [Emotioneel] Ik heb echt alles gedaan en geprobeerd. En hij is ook echt lief, maar het duurt te lang. Al bijna twee jaar gesprekken, ruzies en relatietherapie. Ook soms wel fijn, maar ik loop leeg en hou het niet meer vol….[tranen]
M: Kom op Irene, nog even volhou…
I: [onderbreekt Martijn emotioneel] Nee! Ik wil niet meer! Ik doe dit al een hele tijd tegen beter weten in. Het komt gewoon niet meer goed.
A: Heb je een ander ontmoet?
I: [schrikt en lacht]. Huh, ja, eerlijk gezegd wel [giechelt nerveus]
A: Betrapt! Ooh wat ben jij een boef. Hier een beetje de verdrietige vrouw uit hangen en ondertussen….Weet jouw partner dat?
I: Ja, ik was even verliefd, er is niets gebeurd maar ik heb het wel eerlijk vertelt……[lange stilte]………… En ik voel nu duidelijk dat het met Erwin niet meer goed komt. Al ruim een jaar weet ik eigenlijk al dat het zo is. Relatietherapie brengt ons niet dichter samen. Er is gewoon een stuk dat er niet meer is en ook niet meer komt. Het is duidelijk!
M: Ja Irene, kom op zeg! Je gaat het toch niet zomaar opgeven
I: Zomaar?! Ik heb alles gedaan, gesprekken, therapie, aanpassen en hij is echt lief! Maar dit wil ik niet meer. Ik ga stoppen…
A: Dus hij is bijna jouw ex…exit Erwin. Geen Brexit maar Erwexit.

I:[lacht, breekt en tranen]………..
Martijn geeft haar een tissue en na enige tijd komt ze op adem.
I: Wauw mannen, dit is wel heftig. En dit gaat wel snel, maar het is voor mij echt duidelijk nu. Jeetje. Er valt echt heel veel van mijn schouders. [Irene gaat helemaal rechtop zitten en kijkt zelfbewust en bevrijd] Het is goed….

De laatste wedstrijd van een topsporter 

Pascal komt de kapsalon binnen. Een veertiger, bijdehand en goedlachs, maar hij worstelt toch met iets.

A: [enthousiast]Je bent de laatste vandaag Pascal, een goed moment, dan zijn we op ons scherpst, dus kom maar op met je probleem…
P: Nou, probleem, ik noem het meer een uitdaging.
A: Dat mag, wij noemen het gewoon een probleem!
P: De uitdaging is ‘hoe blijf ik in balans?’, dat is voor mij altijd zoeken.
A: Altijd zoeken…dat lijkt me een heel gedoe, altijd! Kun jij wel zoeken? Misschien moeten we samen zoeken? Ben je wel eens uit balans geweest?
P: Zeker, ik ben wel een paar keer langs een burn-out gescheerd.
A: [opgwekt] Een paar keer, dat vind ik mooi aan jou. Dat je daar dan niet van leert. 
P: [verdedigend] Jawel, maar het blijft lastig.
A: Tuurlijk! Wat is lastig?
P: Het is continu een gevecht tussen mentaal en fysiek.
A: Wat ik mooi aan jou vind, is dat je zo lekker concreet en duidelijk bent: “langs een burn-out gescheerd”, ”de uitdaging” , “een continue gevecht tussen mentaal en fysiek”, help me even, wat bedoel je dan?
P: [bozig] Nou dat ik meer wil, maar mijn lichaam het niet aan kan.
M: Ah, ik snap het! Je wilt topsporter zijn, maar je bent het niet.
P: Ja, ik voel me wel een topsporter eigenlijk!
A: Hoe oud ben je?
P: Ik ben vijfenveertig.
A: [vrolijk] Ah, de aftakeling is begonnen! En volgens mij is jouw leven gewoon te vol! Jij wilt alles en maakt geen keuzes toch?
P: Ja, ik heb het gevoel alsof ik altijd aan het rennen ben.
A: Toch weer die topsporter in jou. Kun je een beetje rennen trouwens?
P: Ja, best wel. Ik kan mezelf heel goed uitputten.
M: Moet ook wel natuurlijk, want je bent een echte topsporter. 
A: Weet je partner eigenlijk hoe het met je gaat?
P: [na lange stilte] uhhh, nee, eerlijk gezegd niet echt denk ik…
M:  Dat hoort bij een topsporter, die laat niets zien van zichzelf. Dat is een teken van zwakte, goed bezig dus!
P: Ik zoek oplossingen inderdaad bij mijzelf, ik sta niet echt open voor hulp van buitenaf.
A: Lijkt me ook beter, het zelf oplossen. Dat lukt al vijfenveertig jaar prima. Niets aan veranderen. Een maximizer, dat ben je!
P: Wat?
A: Je wilt alles maximaal.
M: [enthousiast] Zei ik toch: topsporter! De hele dag aan het rennen. Rennen tot het misgaat.
P: [verbaasd] Misgaat?
M: Ja, dat hoort ook bij topsport natuurlijk. Op een gegeven moment is het lichaam op,  PATS [klapt in handen].  Bij topsporters is het lichaam veel eerder op dan bij normale mensen. Ze hebben dan nog wel een hele lange weg te gaan voordat ze doodgaan met een versleten lichaam. Maar in ieder geval hebben ze qua sport alles er uit gehaald.

Pascal valt stil, kijkt roerloos naar de spiegel.

A: Topsporters worden dan nog wel op handen gedragen natuurlijk…nou ja, de sporters die zichtbaar zijn geweest op tv. In jouw geval is dat niet zo helaas, dus zullen weinig mensen het weten. Martijn en ik waarderen het zeker, dat topsporten van jou, maar verder hebben waarschijnlijk maar weinig mensen er oog voor.
M: Ja, dus dan heb je dat kapotte lichaam en niemand waardeert het…eigenlijk wel zonde als je er zo over nadenkt…
P: Ja, als je het zo bekijkt…maar wat moet ik dan?
A: [kijkt naar Martijn] Tja, is er wel iets aan te doen?
M: Lastig…
P: Ik moet vertragen, maar ik denk dat ik dat niet alleen kan.
A: Hmmm, hulp vragen is natuurlijk lastig…en voor een topper zoals jij ook wel een beetje sneu, ik zou het niet doen.
P: [weifelend] Nou ja, ik zou dat wel thuis kunnen vragen en misschien ook wel op werk.
M: Maar dat doe je natuurlijk niet, want je bent een topsporter.
A: Weet je, het hoeft ook niet natuurlijk, want je rent zo hard dat als je valt het waarschijnlijk gelijk over is. Heb je er zelf geen last meer van. Een hartaanval denk ik…
M: Je partner vindt daarna wel iemand anders  en de kinderen…kinderen zijn heel veerkrachtig heb ik wel eens gelezen. En op je werk…daar weten ze over een jaar niet eens meer dat je er was, iemand anders kan jouw werk zo overnemen en misschien nog wel beter doen dan jij…
P: [geschrokken, verbaasd]] Ja maar…..eh……ik, eh ik …
A: Precies, het gaat om jouw IK!
M: En dat is mooi dat die ik van jou er nu nog is! Ik denk ook een hartaanval Arno….Geniet er nou maar van. Het is zo voorbij!
P: [temperamentvol] Nee, ik ga er wat aan doen, ik wil dit niet, ik ga thuis praten, zo kan het niet langer….

Rosalie en de Wappie-familie

We zijn bij een ziekenhuis in het oosten van Nederland. Rosalie komt de coachsalon binnen. Rond de 35, vlot uiterlijk en een vrolijke blik. Ze heeft veel energie en een hoog tempo.

A: Wat is je probleem?
R: [lacht] Dat is lastig om kort te formuleren, ik heb een heel leuke schoonfamilie, ze zijn ehhh….nou…..heel authentiek en…
A: Ze staan dus rechtlijnig tegenover jou.
R: [verbaasd] Ja!
M: [geschrokken] Oh nee…..het zijn toch geen…..wappies?
R: Ja,…en mijn man ook.
A: Dus jij bent degene die afwijkt.
R: [lacht] Ik word de dissonant genoemd.
A: [luid] Wil je koffie dissonant? Koekje erbij dissonant? Jij wilt zeker geen biertje toch dissonant?
R: [Lacht…..] Ja, samen met broer van mijn man, wij zijn de dissonanten.
M: Je moet met de broer van jouw man verder!?
R: {uitbundig] Nee! Echt niet! Daniel is de leukste man!
A: Wat is nu precies het probleem?
R: Ze vertellen mijn kinderen dat ze op school geïndocrineerd worden, dat ze politiek niet moeten vertrouwen…dat gaat best wel ver.
M: [verbaasd bozig] In jouw huis?! Zij indoctrineren dus jouw kinderen!!
R: Ja!
M: En natuurlijk met omgekeerde vlaggen in de straat, zakdoeken aan de auto?
R: [vrolijk] Ja!
A: Wel gezellig, met die vlaggetjes enzo.
R: [lacht] Ja, ik kan er wel met humor naar kijken. Maar ik vind het irritant dat ze mijn kinderen beïnvloeden en onwaarheden vertellen.

We laten een korte stilte vallen. Het tempo daalt.

M: [leunt voorover] Wat doet dat met jou?
R: [zwaar] Ik word er soms letterlijk misselijk van.
M: Waar trek je de grens Rosalie?
R: [breekt, huilt en probeert vrolijk te blijven] Jaja, ik weet het wel, ik moet grenzen trekken!, maar het overkomt me ook gewoon…[huilt] Het is zo bizar allemaal, vaak ook heel subtiel.
M: Subtiel? Het voelt als een bulldozer! Trump is goed, Baudet is goed, de elite is duivels, de politiek niet te vertrouwen! Ze bulldozeren jouw leven in en… voelt alsof je in een sekte terecht bent gekomen! Ik check de sekte-database van de inlichtingdienst wel even voor je.
R: [ huilt, vanaf dit moment loopt ze helemaal leeg ] Ze gaan helemaal in de opvoedende rol. [luid] IK WIL DIT NIET! De hele tijd dat antigeluid, dat niets te vertrouwen is, dat er plannen zijn om naar het buitenland te gaan met hele familie. Ze snappen het niet. Ze zitten zo in hun koker; zij hebben het door en ik niet! Ze zegen dat ik onder een steen leef en dat ze me helpen hiermee.
A: Wanneer ga jij eens aan jezelf denken?
R: Ik denk wel aan mezelf! Ik ben uit familie-app gestapt. En zij zeggen: je hoort bij de familie en dus moet terug in de appgroep, anders hoor je niet bij de familie!
M: [duidelijk] Maar dat is super heftig! Jij wordt buitengesloten en niet geaccepteerd!
R: [fel] Jawel! Ze omarmen me!
M: Ja, met zakdoeken en omgekeerde vlaggen zeker? Wat zegt jouw man hier allemaal van trouwens?
R: [timide] Ik moet gelijk denken dan een moment tijdens Corona. Zijn familie wilde langskomen. Ze trokken zich niets van de beperkingen aan. Ik zei tegen Daniel: ik wil het niet! Toen zei Daniel [slikt, huilt] Als ik moet kiezen tussen jou en mijn familie, dan kies ik voor mijn familie…
A: Wat? En jij noemt dat een goede relatie?
R: [blijft doorzetten] eh, ja, wel, nou, half? [tranen] Ik wil positieve dingen zien, die verdomde kronkel in de familie. Ik hou wel van Daniel…[huilt] Ik heb genoeg eigen ruimte. Dat vind ik ook vervelend…al mijn vriendinnen zeggen dat ik bij hem weg moet….

M: [schuift zijn stoel tegenover Rosalie] Rosalie: ik ben nu Daniel. Wat wil je tegen mij zggen?
R: Ik wil heel graag met je verder, maar zo gaat het niet.
M: Waarom niet?
R: Je loyaliteit ligt zo dicht bij jouw familie, ik heb nodig dat je naast mij staat.
M: Dat doe ik ook!
R: Nee, dat doe je niet. Je hoeft het niet met mij eens te zijn, maar ik wil dat je mij steunt. Dat als ik nee zeg op het moment dat het onze kinderen aangaat dat ik weet dat je naast mij staat!

A: [spreekt Rosalie via de spiegel toe] Wanneer ga je dit tegen Daniel zeggen?
R: [laat haar hoofd zakken] Ik ga met Daniel in gesprek! Ik weet het ook eigenlijk al lang, ik voel nu heel duidelijk dat ik het moet doen…ik vind het doodeng, maar het moet echt anders!

Rosalie tekent een contract, om met Daniel in gesprek te gaan, ze lijkt echt van plan het te gaan doen en durft in te zien waar ze in zit. Wij zijn eerlijk gezegd nogal onder de indruk.

Ellen klaagt bij Ajax

We zijn bij een ziekenhuis in het westen van het land. Ellen, een vrolijke vijftiger, komt de coachsalon binnen.

E: Ik had begrepen dat ik een probleem moest meenemen. Dus ik heb een probleem meegenomen van de organisatie.
M: [duidelijk] Dat mag natuurlijk niet. De organisatie krijgen we niet in deze ruimte. Het moet een probleem van jou zijn!
E: [glimlacht] uh, het is ook wel mijn probleem.
M: Ah, dat scheelt. Dus het is van jou! Goed zo. Eigenaarschap. Daar houden we hier van.
E: Ik heb gewoon moeite met de organisatie. Ik merk dat ik onverschillig word, een beetje ga onderduiken, management vermijdt. Ik vind de inhoud en mijn collega’s hartstikke leuk, maar contacten met het management niet. Ik heb geen idee waar ze mee bezig zijn. En ik erger me aan mijn nieuwe manager.
M: Dus jouw werk is heel leuk, alleen het management niet. Je maakt van iets dat heel klein is iets heel groots. Daar kies je zelf voor!
E: [onzeker] Ja maar ik vind het wel belangrijk…
A:[richting Martijn] Weet je Martijn, die Ellen is gewoon niet trots op haar bedrijf, haar cluppie. Het is niet meer de club waar ze voor wil spelen. Het is niet meer het Ajax van weleer, met goed management en mooie resultaten. Tijd voor een transfer, volgens mij.
E:[verrast] Ja, daar zit ik stiekem wel eens naar te kijken, maar ik ben al twaalf jaar bij de club. Ik wil ze niet in de steek laten.
M: Kijk! Een trouwe supporter. In goede én slechte tijden. Je hebt natuurlijk jouw kast vol met shirts, sjaaltjes en jouw matties kan je ook niet in de steek laten. Naar een andere club verkassen geeft veel te veel gedoe. En op jouw leeftijd, ik zou het niet doen.
E: [lacht] Nee, klopt. Wil ik ook niet. Ik zou wel weer wat lekkerder willen spelen, meer samenwerken en óók met het management. Maar ik voel me echt niet fijn én veilig, ik ga ze echt uit de weg
M: Maar je zegt net dat je lekkerder wilt spelen, meer samenwerken. En dan ga je ze uit de weg?
E: Ze doen hun best en ik heb voor heel veel dingen wel begrip. Het systeem van financiering vanuit verzekeraars, het registreren van alles maakt het er niet altijd fijner op. En die managers hebben daar veel mee te maken, en dan valt ook haar collega-manager nog uit.  Maar met mijn huidige manager heb ik gevoel dat we niet bij elkaar komen.
A: Dat is geen gevoel, maar een feit! Jullie komen LETTERLIJK niet bij elkaar. En wat ga JIJ daar aan doen Ellen?
E: [schrikt] Het nogmaals benoemen?
A: Ja, dat heb je al gedaan. Dus dat werkt niet toch? Je moet iets nieuws verzinnen.
E: Ja maar ik twijfel over het resultaat, de vorige keer luisterde ze ook niet.
A: Je geeft haar gewoon geen kans! Je zit een beetje te klagen hier, lekker veilig maar je doet er niets aan. Je kunt niet eens bij Ajax voetballen. Je bent niet goed genoeg, niet professioneel genoeg. Misschien moet je naar Cambuur, Ajax zit er voor jou echt niet in! Stel dat je niets doet?
E: Dan verandert er niets.
M: Vind je dat oké?
E: Nee, dat is niet oké! Ik heb van alles geprobeerd.
M: De verbinding is verbroken en jij laat het gewoon gebeuren.
E: [realisatie] Ja…ik zou het wel graag anders willen.
A: Wel GVD! Je zit daar als een… Je komt over als een zeurpiet. [met zeurstem] Het gebeurt toch niet. Ik heb het al geprobeerd. [luid] En als je zegt ‘ik stop er energie in’ klopt dat volgens mij niet. En als je er al energie in stopt is het negatieve energie.

E: [gemotiveerd] Jullie hebben gelijk, het voelt niet goed, IK kan daar iets aan veranderen.
M: [tegengas, luid] Nou, dat vraag ik me af. Je zit hier zielig te zijn. Ik denk dat het niets wordt. Je hebt alles al geprobeerd, zei je net.
E: [heel duidelijk] Nee! Ik wil met haar in gesprek!
M: [versnelt tempo] Wanneer?
E: Over twee weken staat er een bila gepland
M: [snel] Hoe?
E: Met een duidelijke agenda
M: [snel] Wat staat er op die agenda?
E: Hoe ik me voel in relatie met haar!

M: Oké. We doen een rollenspel. Arno is jouw manager. Zeg maar tegen hem wat je wilt zeggen. [Arno schuift stoel tegenover Ellen]

E: [verbaasd] Ik merk, eh,  dat ik het heel moeilijk vind om met je in gesprek te gaan, vorige keer had ik een aantal punten, jij hebt gewoon jouw eigen agenda. Daar zijn we niet aan toe gekomen.

M: Wat heb je nu gezegd over jouw gevoel in relatie met haar?
E: [inzicht] Euh, niks eigenlijk!

M: Nog een keer!

E: [echt oprecht] Ik merk dat ik erg geïrriteerd raak in gesprek met je. Ik voel me niet gehoord. Het maakt me gewoon boos, onzeker en zorgt dat ik je uit de weg ga en dat wil ik niet. Ik wil juist met je samenwerken.
A: Oké, en wat zou jij daaraan willen doen?
E: [overtuigd] Duidelijk vertellen hoe ik me voel. Ik denk gewoon eerlijk zijn.
A: Ik dacht al dat er iets was. Fijn dat je eerlijk bent. Dan zal ik het ook zijn. Ik vond het lastig met je in gesprek te zijn, nu je dit zo uitspreekt maakt het een stuk makkelijker voor mij om met je te praten.

M: Hoe was dat?
E: [opgelucht, vrolijk] Heerlijk! Fijn om de irritaties uit te spreken.
M: Dit was geen managementtaal, niet om de hete brij heen, dit ging allemaal over jou.
E: [duidelijk, luide en vrolijke stem] Dit ga ik over twee weken doen! Ik heb er zelfs zin in!

Liesje houdt van SM

Lies komt de coachsalon binnen, we zijn bij een overheidsinstantie. Lies is rond de veertig en kijkt vrolijk de wereld in.

A: [enthousiast] Zo Lies, jij ziet er vrolijk uit. En ook lekker uitgerust volgens mij.
L: Ik ben sinds gisteren weer aan het werk, heb net een heerlijke vakantie gehad na een zware periode.
A: Dus je bent lekker uitgerust! Heerlijke vakantie achter de rug…wat is het probleem?
L: Ik ga vaak over grenzen.
A: Precies, dus je bent in het buitenland geweest!
L: [lacht] Oostenrijk inderdaad…maar ik bedoel mijn eigen grenzen.
A: Dus wat is het probleem?
L: Ik kan slecht grenzen aangeven, dat is een beetje het probleem.
A: Een beetje?
L: Nee, niet een beetje. Het is echt een groot probleem.
A: [vrolijk] Dat is geinig, het is groot. Waarom zeg je dan een beetje?
L: [sip] Omdat ik het lastig vind. Het woordje ‘nee’ is ingewikkeld.
M: Helemaal niet! In het Oostenrijks is het Nein; Frans, Non. Engels, No. Niets ingewikkelds aan!
A: Dus jij lost hier alles voor jouw collega’s op en vindt het fijn dat je overbelast raakt…hou je ook van SM?
L: [lacht] Nou zeg!
A: Het voelt wel zo toch? Je laat over grenzen gaan, voelt je gebonden, en voelt je machteloos. Klinkt als SM! Heb je dan ook zo’n rubberen kap?
L: [lacht hard] Ik voel me inderdaad echt gebonden.
M: Kun je het wel zeggen eigenlijk: ‘Nee!’?
L: Jawel, vandaag nog. Ik werd gevraagd om ergens te helpen, eerst zei ik ja en daarna nee.
M: Hoeveel ruimte heb jij nodig om in balans te blijven, want het duurt niet lang meer voordat je omvalt, toch?
L: [schrikt] Ja, ik moet duidelijk grens aangeven.
A: Dat zou ik niet doen, dan worden je collega’s vast boos.
L: Ik voel me verplicht onze klanten te helpen, ik voel me gedwongen..
A: [guitig] Ha, SM!
L: [geknepen stem] Het is niet goed…
M: Ik vind het wel mooi, je kunt natuurlijk de cliënten en collega’s niet laten zitten. Een beetje ambtenaar gaat over grenzen, dus je past hier goed…je bent echt een Vlijtig Liesje!


Lies lacht hard en wordt tegelijkertijd emotioneel.

A: [vrolijk] Eigenlijk ben je heel gemeen en ga je allemaal mensen met jouw problemen opzadelen, zo meteen val je om, kun je de cliënten niet meer helpen en ook jouw collega’s laat je in de kou staan. Ik zou maar vast die rubberen kap opdoen, weten ze in ieder geval niet wie die verschrikkelijk slechte collega is. De hoeveelste keer wordt dit eigenlijk dat je gaan uitvallen?
L: [kijkt schuldig] Het wordt de tweede keer
M: Mooi, met ervaring! Is het veel fijner…
L: [zacht] Ik voel dat ik richting een burn-out ga.
M: Fijn, dan kun je je voorbereiden en je collega’s ook.
L: Ik heb aangegeven dat ik het niet doe als het niet gaat…
A: Mmmm, klinkt overtuigend. Ja, wat vind je Martijn?
M: Zeker, Lies gaat echt voor zichzelf staan. Ik denk dat haar collega’s staan te trillen.
L: Mijn manager zei tegen me “als je bepaalde zaken niet kan opnemen, dan lijkt het me slim de bedrijfsarts in te schakelen”…dat wil ik niet!
M: Je hebt groot gelijk Lies. Jij, sterke Lies, hebt dat niet nodig. Je bent toch zeker geen watje?
L: [schuldig] oohhhh wat erg dit…Ik denk dat dat het is ja, dat ik niet kwetsbaar wil zijn.
A: En het is ook fijn voor jouw kinderen dat je zo weer in een burn-out komt. Kunnen ze lekker van je genieten thuis!
M: [luid] WANNEER GA JIJ JEZELF SERIEUS NEMEN LIES!
l: [verbaasd, geschrokken] Doe ik al…ik ga al naar een psycholoog…die vind dat ik stappen maak…
A: Ah, mooi, dan komt het allemaal goed.
L: Gisteren ging het direct al niet goed, de eerste dag na vakantie dacht ik direct HELP.
M: Je voelt dus dat je weer richting een burn-out gaat. Hoe lang geb je nog te gaan?
L: Ik vind het gewoon lastig om naar de bedrijfsarts te gaan…
M: Hoe lang nog Lies?
L: Tussen nu en een half jaar…
M: Dat is lekker, je hebt tenminste een deadline, kunnen jouw collega’s zich ook vast voorbereiden.
L: [handen voor gezicht] Dat zijn ze al aan het doen…
M: Kan je mooi volgens planning uitvallen!
L: Jeetje…als je dit zo zegt…dan is het echt niet goed….shit….
M: Ik vind het wel mooi dat je zo blijft glimlachen…
L: [verdrietig] Ik kan nu bijna huilen…[slikt]  Ik vind het heel lastig… [snikt] …Om het naar mijn collega’s uit te spreken, maar ik moet; het gaat niet meer…ik ben aan het overleven…ik ga met mijn collega’s in gesprek…en naar de bedrijfsarts. [huilt]

We laten haar even. Ze tekent het contract.

L: Pff mannen, heftig, ik zie er tegen op. Maar ben ergens ook heel erg opgelucht!

Sanne….BITCH. K*WIJF.

We zijn bij een grote verzekeraar, Sanne komt binnen, een degelijke dame van midden dertig jaar, ze is zakelijk gekleed.

A: Hoe zit je?
S: [strak] Gespannen
A: Mooi! Wat vind je spannend?
S: Ik heb het gevoel dat ik nu eens naar mijzelf moet kijken…
A: [vrolijk] Dat doe je nu….wat zie je dan?
S: Ik wordt er niet blij van
A: Wat maakt dat je niet blij wordt?
S: Nou…eh…..dat ik…eh….naar veel dingen niet zo goed durf te kijken.
A: Maar nu doe je dat wel….wat zie je nog meer?
S: [kijkt nadrukkelijk in de spiegel]….Dat mijn ogen niet staan zoals ze normaal staan….en dat ik een dikke kop heb.
M: [speelt opgelucht] Nou, het is dat jij het zegt Sanne….en gelukkig is het een dubbele spiegel….maar ik vind ook dat jij een enorm dikke kop hebt. Toch Arno?
A: Blij dat ze het zelf aansnijd….we zien veel mensen….maar dit?
S: [lacht] Ja…echt he?
A: [serieus] En wat zeggen jouw ogen?
S: Dat het een beetje stil is [begint te huilen]……
A: Een beetje stil is wel lekker toch?
S: [emotioneel] Nee….Gatver….ik had helemaal geen zin om te gaan janken….[tussen tranen door, hikkend, sniffend] Er zijn heel veel dingen…….heel, heel, heel veel dingen mis gegaan….en ik doe zo mijn best om het……niet te laten zien….op mijn werk….
A: Wat maakt het nu stil?
S: Ik weet het niet…
A: Ben je eenzaam?
S: [knijpstem] Ja…
A: Hoe is het om dat uit te spreken?
S: Best wel kut!
A: [vrolijk] Wat is het probleem eigenlijk…lijkt me heerlijk. Beetje stil…lekker alleen…is er een droom uit elkaar gespat…een relatie?
S: [kijkt verrast op] Ja…..daar begon het mee….
A: En waarmee is het geeindigd?
S: [heel verdrietig] Ik ben bijna al mijn vrienden kwijt
M: [opgewekt] Dat vind ik wel mooi, iemand met zo’n dikke kop, al haar vrienden kwijt…..dan moet je wel een ver-schrik-kelijk mens zijn! Heb je dat eigenlijk al gezegd tegen ze….dat je een verschrikkelijk wijf bent.
S: Nee.
M: [hoog tempo] Dat moet je nog doen.
S: Ja.
M: Al een plan voor?
S: Een beetje.
M: Wie als eerste?
S: Mijn broer.
M: Hoe heet hij?
S: Allard.
M: Ok, je gaat eerst naar Allard….wat ga je zeggen?
S: [breekt weer] dat het me ontzettend spijt…
M: Wat..
S: Dat ik zo over zijn grenzen ben gegaan…
M: Hoe dan?
S: Ik heb niet gerespecteerd wie hij is.
M: Hem pijn gedaan?
S: Ja.
M: [nog steeds hoog tempo] Heeft hij dat ook gezegd?
S: Ja.
A: Zijn jullie het daar over eens. Mooi.
M: Wat zal Allard zeggen.
S: [verdrietig] Dat het heel kut is……[duidelijker] en ook dat ik er was voor hem toen hij het moeilijk had…..en dat hij er nu ook voor mij zal zijn!
A: Hoe vind je dat?
S: Fijn…maar ik verdien het niet.
A: Nee dat klopt, jij hebt het ZEKER.NIET. VERDIEND! Wat een VERSCHRIKKELIJK.K*WIJF.BITCH ben jij…….toch?
S: [glimlach]Ja….dit was wel kut.
M: En je moet de rest van je leven boeten!
S: [lacht opgelucht]….dat ook weer niet.
A: Ok. Dit was Allard. Met hem ga je in gesprek! Wie is de volgende!
S: Tja….[stil]……
M:[opgewekt] Ik snap niet dat je zolang moet nadenken….je bent iedereen kwijt…dus keuze zat!
A: [hand op schouder] Wie mis je het meest?
S: [direct] Mijn vader!
A: Heb je hem ook pijn gedaan?
S: Nee, dat valt wel mee…..hij reageert er eigenlijk niet echt op.
M: Moet het met je vader ergens over gaan?
S: Nee…niet echt eigenlijk
M: Een typische man dus
S: [lacht opgelucht] Precies.
A: Wat maakt dat je het niet doet?
S: Ik denk dat hij het lastig vind…
A: Dat is een aanname…ga met hem wandelen en het nergens over hebben…de meeste mannen vinden dat wel fijn….
S: Ja. Dat deden we altijd….naar het bos…wandelen…
A: Mooi! Doen?
S: [vrolijk] Ja!
M: We krijgen best een plannetje toch? Hoe is dat?
S: [kijkt vrolijk] Fijn. Ik voel enorme opluchting.
A: We gaan nog één moeilijke pakken. Welke van jouw vrienden ……
S: [zakt weer helemaal terug] tja….
M: Je neemt wel alle schuld op je. Wat voor verschrikkelijks heb je gedaan? Heb je iemand vermoord?
S: [glimlach] Nee…
M: Heb je het gedaan met de man van jouw zus?
S: [grote lach] Nee! Ook niet.
M: Wat voor verschrikkelijks heb je dan gedaan? Brand gesticht? Doorgereden na een ongeluk? Zeg het!
S: Nee….allemaal niet…nou ja…ik heb mijn relatie enorm verkloot!
A: [handen op wangen] oooh….echt….wat….errug!! Hoor je dat Martijn! Pas op, ze is gevaarlijk. Ze heeft haar relatie verkloot!
M: En daarom zijn al jouw vrienden weg! Keurig.
S: Ze vinden dat ik de baas speelde…
M: Terecht! Jouw ex had wel een beetje duidelijkheid nodig toch?
S: Nee…absoluut niet
M: Maar hier zit wel een BAZIG.KUTWIJF toch?
S: [opstandig] Nee! Het is ook echt niet allemaal slecht geweest!
A: Huh? Zeg dat nog eens?
S: Nee…echt niet….ik kan wel scherp zijn….maar het was ook echt wel goed!
M: Wij werken ook in TBS kliniek, ik dacht eerst dat jij daar thuis hoorde….maar nu ik dit hoor….jij bent een watje.
S: [lacht, bevrijdend] Ach man….pfff….ik heb echt wel mensen pijn gedaan….maar zo erg was het ook niet!
A: Ok, we doen er nog ééntje. Een moeilijke. Wie wordt de laatste!
S: [valt weer beetje stil] Nou…eh…Evelien.
A: Mooi, wat wil je met haar doen?
S: Gewoon….weer in contact.
M: Tja…..gewoon…weer in contact…..dat lijkt me NIET te doen. Kansloos. Ik ken Evelien een beetje….die zit niet op jou te wachten.
A: Als je contact hebt…waarover wil je het hebben?
S: We gingen altijd samen naar concerten….[slikt geëmotioneerd} dat zou ik heel graag weer willen
A: Dat is top! Tijdens een concert kun je niet eens met elkaar praten. Dus dat lost zichzelf weer op!
S: Nee….
M: Waarom kan het niet?
S: Omdat het ongemakkelijk is.
M: Tja….de huidige situatie is gelukkig een stuk makkelijker….
A: Vind ik ook….tja….
S: [berust, glimlach] Ach…je hebt ook gelijk! Ik maak het groter dan het is. Ik ga haar bellen, zeggen dat ik het ingewikkeld vind, maar wel heel graag in contact wil, en weer samen naar een concert…
M: Ik zou dan een Metal Band doen…kun je lekker pogo-en….lekker al die agressie eruit…tegen haar aan beuken!

Sanne lacht bevrijdend.

A: Kijk nog één keer in de spiegel, hoe staan je ogen?
S: [licht] Veel beter….echt beter.

Elvira aast op de erfenis

Een charmante vrouw komt de coachsalon binnen. Elvira draagt een lange rok met mooie blouse. Een kleurrijke en stralende vrouw.

A: Als ik zo naar je kijk, kun jij bijna geen probleem hebben…
E: [luide lach] Niet op het werk nee…
A: Dus een privé probleem, leuk! We doen alles, werk, privé…we specialiseren ons in échte serieuze problemen…dus geen kleine dingetjes…
E: [verbaasd] Jullie brengen me in verwarring…er speelt iets heel groots…maar dat wilde ik niet bespreken. Ik heb iets anders in mijn hoofd
A: We doen alleen de grootste problemen vandaag…dus we doen die, toch Martijn?
M: Tuurlijk!
E: [vertwijfeld] Nee…dit kan ik echt niet maken…het is echt ingewikkeldte privé. Jullie halen me niet over…Nee, ik kan het niet maken. Het probleem dat ik eerst wilde inbrengen gaat over mijn volgende stap in carrière. Ik kan een baan aannemen, maar weet niet of ik het moet doen.
A: [vrolijk] Tuurlijk niet! Dat weet je zelf ook wel. Nu het echte probleem…kom op!
E: [luide lach] Nou vooruit! Die baan klopt trouwens wel
A: Zie je wel…kom op met het echte probleem!
M: Je hebt geluk Elvira, vandaag lossen we er twee op!

E: Oké dan [diepe zucht; verzamelt moed] In mijn familie is er een enorme toestand. Er is wat vastgoed in de familie. Maar mijn zus kleedt mijn vader financieel helemaal uit. Hij tekent alles. Ze is zijn vertrouweling, maar mijn andere broers zien het met lede ogen aan…
A: Dus jij maakt je zorgen over jouw erfenis!
E: [fel] Daar gaat het niet over!
A: Nou, een beetje wel toch?
E: [traan] Nee…ze maakt mij zwart bij hem. Ik heb alles gedaan, altijd. Toen mijn moeder overleed was ik degene die alles regelde en er voor mijn vader was. En hij is door haar gelieg nu mijlenver van me af komen te staan…en mijn andere broertje heeft ontdekt dat….….[Elvira loopt helemaal leeg…de familiegeschiedenis wordt in 2 minuten helemaal verklaard. Ze is heel boos en verdrietig]

M: Maar wat is nu eigenlijk het probleem? Ik hoor alleen maar feiten. Dat is niet leuk, maar jij kunt hier niets aan doen. Dus wat is het probleem?
E: [Is even in de war] Ik euh, ik ben bang dat ik contact met mijn vader verlies. Hij is op leeftijd, ik heb het al eerder gehad, ik ben de kritische dochter.
M: Dus gewoon stoppen met lastige vragen stellen toch?
E: [ferm, standvastig] Dan kan ik mezelf niet meer in de spiegel aankijken.
M: Dus dat is duidelijk geen optie…eigenlijk zeg je ik doe alles goed, alleen de uitkomst vind ik niet leuk. Dus wat wil jij veranderen?
E: Ik wil dat mijn vader inziet dat….
A: [onderbreekt]. Dat gaat hij niet doen, wat ga JIJ veranderen?

E: Misschien hebben jullie wel gelijk, ik doe de dingen, waar ik achter sta, alleen de uitkomst is inderdaad niet zoals ik wil…dit is een lesje in accepteren.
M: Opgelost dus?


E: [grote lach]  Als hij weet dat we het hier over hebben, wil hij me nooit meer zien.
A: We hebben een verrassing voor je: [luide stem] ‘meneer, vader van Elvira, kom er maar even bij!’
E: [lacht heel hard, handen voor mond] Dit is echt te gek voor woorden, het lucht wel op. En het voelt ook rot, dat ik zo zit te klikken, maar mijn zus heeft echt een wig gedreven. Ik voel me eenzaam en niet gesteund.
A: Zeg dat nog eens?
E:[emotioneel] Ik voel me eenzaam…en niet gesteund.
A: Dat is geen gevoel, maar een feit. Dus dat klopt. Je bent machteloos toch?
E: Enige maanden geleden heb ik een mooie brief opgesteld en voorgelezen aan mijn vader. Voor mij was dat een soort goede afsluiting. Alleen, ik kan mijn andere broertje en zus niet alleen laten…er komen nog meerdere gesprekken.
M: Nee, op die leeftijd hebben ze echt jouw hulp nodig! Jij bent de grote bruggenbouwer, moeder Theresa…dat vind ik ook zo mooi  aan jou.

A: Ik hoor je zeggen dat je alles hebt geprobeerd, dat je het niet meer zo wil doen, dat je het hebt laten vallen…
M: Lieve Elvira, je hebt alles gedaan. Je voelt je eenzaam en niet gesteund. En toch ga je nog steeds door, wat wil je nog bewijzen? Jouw spel is over. Ze hebben je door…de erfenis is verdeeld…
E: [kijkt voor zich uit] Ik heb wel eens gedacht…ja! [fel], dat ga ik doen.
A: Wat?
E: Ik ga een gesprek aan met mijn broertje en zus, ik ga ze vertellen hoe het voor mij is, hoe machteloos ik me voel en ook dat ik het ga laten gaan. Ik heb alles gedaan wat ik kon en, nog belangrijker, waar ik achter kan staan. En daar laat ik het bij. Het is goed zo.

E [kijkt heel erg vastberaden en ook opgelucht]. Pffff mannen, ik had niet gedacht dat ik dít zou bespreken, maar ik ben zoooo blij dat ik het met jullie heb gedeeld! Heel verhelderend.

Sara en het Imposter syndroom

Er komt een jonge vrouw opgewekt de coachsalon binnen, ze stelt zich voor als Sara.

A: Ben je een beetje een Sara?
S: Ja…volgens mij wel.
A: Stel dat je Astrid had geheten.
S: [kijkt vies] Nee…
A: Heb je nog meer namen?
S: Nee, alleen een achternaam.
A: En?
S: Balovi
A: Daar is er maar eentje van toch?
S: [vrolijk] Nee, er is er nog eentje heb ik via LinkedIn ontdekt.
A: Maar jij bent veruit de leukste…wat is eigenlijk het probleem?
S: [terug op aarde] O ja, het probleem is dat ik het niet leuk vind om thuis te werken.
A: Oké, wat is daarvan het probleem?
S: Ik word er ongelukkig van.
A: Waarom ga je dan niet weg? Naar een andere baan? Dat zou ik doen.
S: Ja, daar ben ik mee bezig.
A: Mooi. Opgelost dus.
S: Het punt is dat ik het moeilijk vind om mezelf te promoten.

M: Wacht even Sara, eerst was het probleem dat je het niet leuk vindt om thuis te werken, nu is het dat je jezelf niet kunt promoten…
A: Wat voor promotiemateriaal heb je al ontwikkeld?
S: [luide lach] Nou, toevallig heeft mijn werkgever een profiel van mij opgesteld, als consultant.
A: Dat doe je fantastisch! Jouw baas maakt jouw promotiemateriaal. Dus dat is opgelost! Dus wat is het probleem?
S: Nou ja, je moet wel in gesprek gaan met mensen…en op papier lijkt het wel wat.
M: Maar in het echt is het dus slecht! Waardeloos!
S: Ja, ik heb het Imposter syndroom!
M: Lieve Sara, eerst vind je thuiswerken niet leuk, dan kun je jezelf niet promoten en nu heb je weer een ander probleem: het Imposter syndroom…
A: Help mij even, wat is ook alweer het Imposter syndroom?
S: Dat je bang bent dat je door de mand valt. Dat je niets voorstelt.
M: Maar dat is bij jou feitelijk ook zo toch? Dus dat klopt gewoon.
S: [luide lach] ….
A: Ja lach maar…wat stel jij nu eigenlijk voor Sara Balovi?
S: Ja…dat is een goeie…
M: Ja precies, als je niets voorstelt…kun je jezelf dan even voorstellen?
A: Dat wordt heel kort
S: [lacht] nou echt wel…ik stel echt wel wat voor!
M: Oké, ga staan en stel jezelf voor
A: [applaus] Dames en heren, Sara Balovi!!! [joelt]
S: Nou ja… euhh…Sara, 34 jaar, psychologie gestudeerd…ik neem een podcast op…ben analytisch…creatief…me aan het omscholen tot Business Intelligence consultant…goed in data research…[en ze benoemt nog een aantal dingen].
A: Mooi…hoezo psychologie…moest dat van je ouders? Die zeiden, jij hebt imposter-syndroom. En toen dacht je ik wil weten wat het is en ga psychologie studeren…Wat is nou de kern van het probleem?
S: [lacht] Onduidelijkheid….dat ik zelf niet duidelijk ben!
M: Net toen je je voorstelde was je duidelijk. Wat wil je nou?
S: [duidelijk] Ik wil die Business Intelligence kant op!
M: Mooi. Dat gaat lukken toch?
S: Ja!…denk ik wel…al is het niet honderd procent zeker [lacht om haar eigen uitspraak]

A: Las jij vroeger de boeken van Grimm?
S: [verbaasd] euhh…nee…wel Harry Potter.
A: Mooi. Dus je gelooft wel een beetje in sprookjes…
S: [lacht hard] Ja, nou!
A: [dromerig] Er was eens een jonge mooie vrouw, ze heette Sara, ze had goudblonde haren en een vrolijk gezicht…alleen haar brein was een soort computer. Ze kon sneller denken dan het geluid. Ze noemde haar wel ‘Quantum Sara’! Als ze aan het denken was ging dat zo snel, dat ze ook haar gedrag erop wilde aanpassen. Maarrr, ze kon niet vertragen…dat was haar lot.

Sara wordt stil…

A: [serieus] Als ik wat zeg, zie ik jouw brein op hol slaan…de vonken vliegen bij wijze van spreken uit je hersenpan…haal eens heel diep adem.
S: [Diepe zucht] …ik weet ook echt wel waar ik goed in ben, dat BI verhaal kan ik, vind ik leuk en wil ik in verder. Eigenlijk is het heel simpel en duidelijk. [ondertussen zit Sara aan haar ring te draaien]

M: En Quantum Sara had een geheime ring…,daar zat ze de hele tijd aan te draaien. En als het leven te snel ging…draaide ze de snelheid terug…haar ring werkte als een vertrager….

Sara raakt geëmotioneerd.

A: Vertel?
S: Die ring is speciaal voor me. Hij was van mijn moeder. Ze overleed twee jaar geleden.
A: Dus als jouw tempo te hoog is…draai je aan de ring. Dan haal je diep adem… en dan voel je of je op het juiste pad zit.

S: [hele diepe zucht en ontspant zichtbaar, met glimlach, kijkt naar haar ring] Ja, ik weet ook wel dat ik op de juiste weg zit, heb ook veel zin in het nieuwe avontuur. Gek genoeg voelt het draaien aan de ring als een heel goed idee…om even te vertragen, tempo omlaag…[ze kijkt vrolijk en gedecideerd op] Ik weet dat ik op de goede weg zit. Het klopt!

M: …ze leefde nog lang en gelukkig!

Sara lacht, oogt opgelucht en dankbaar.

Geboren leider is de Schotse weg kwijt

We zijn bij een jaarlijkse managementdag van een landelijke overheidsorganisatie. Elizabeth komt de coachsalon binnen. Een energieke dame met veel ervaring. Ze blijkt uit Schotland te komen.

Elizabeth is zeer gedreven en heeft een zeer hoog tempo tijdens het gesprek.

E: Blonde lokjes en grijze dekking alsjeblieft!
A: Zo, daar komt iemand binnen zeg! Wat is jouw probleem?
E: Ik loop er tegen aan dat ik niet verder kom in deze organisatie! Kijk ik ben een geboren leider, was ik als kind al, en…
A: [onderbreekt] Dat vind ik mooi! Een geboren leider die niet verder komt!
E: [lacht] Ik was het als kind al, ik deed altijd meer dan de rest en…
A: [onderbreekt weer] Een geboren leider doet niet meer dan de rest, maar vertelt de rest wel wat ze moet doen toch?
E: [vrolijk en temperamentvol] Dat doe ik ook! Luister, ik voel me de moeder van 35 kinderen op de afdeling. Ik leg de lat hoog!
A: Nou, bij een overheidsorganisatie ligt die niet zo hoog toch?
E: Daar moet ik aan wennen.
A: Heerlijk toch? Op jouw leeftijd mag je het als senior ook wat rustiger aan doen.
E: Ja, maar dat is een dilemma. Ik wil het beste uit mijzelf halen natuurlijk!
M: Maar dat vinden jouw teamleden natuurlijk irritant, die werken bij een overheidsorganisatie om het een beetje rustig aan te doen, veel vergaderen en lekker koffiedrinken. Kom jij die lat ineens zo hoog leggen, lekker dan.
E: Irritant? No, ik denk dat ze me eerder lastig vinden.
A: [tegen Martijn] vind jij Elizabeth lastig of irritant?
M: [lachend] Ik zeg niks…
A: Maar Elizabeth, dat zij jou lastig vinden is hún probleem. Wat is dan jouw probleem?
E: Ik ben juist aangenomen omdat ik uit een commerciële organisatie kom, mijn opdracht is om onze dienstverlening te verbeteren en mensen naar een hoger niveau te tillen!
M: [lacht] Arno, we hebben er weer eentje, ze komt uit een professionele organisatie, en heeft de illusie dat ze wel even 35 man naar een hoger niveau kan tillen.
A: [lacht] Zeg Elizabeth, geboren leider, hoeveel mensen heb je eigenlijk al weggejaagd? Ik zou het wel weten met jou als baas.
E: Ik zit er nu vier jaar, een twintigtal zijn vervangen.
M: Lekker bezig dus. Vijf per jaar. Nog drie jaar doorzetten en nog vijftien te gaan en dan ben je klaar!
E: [blijft stellig en heel duidelijk, rechtlijnige handgebaren] Wat ik doe is duidelijkheid scheppen, dit zijn de spelregels, dit is wat we van elkaar mogen verwachten.
A: Maar dat lijkt me heel duidelijk en nodig. Dus wat is het probleem?
E: Even onder ons…in deze organisatie…don’t rock the boat. Daar houden ze niet van!
A: huh, maar dat was toch jouw opdracht? Daarvoor ben je toch aangenomen?
M: [duidelijk] Volgens mij moet JIJ gewoon weg, dan is het probleem ook opgelost. Volgens mij ben JIJ namelijk gewoon het probleem!
E: [fel] Nee! Dat kan ik niet doen!
M: [handen over elkaar] Het is wel beter voor de organisatie.
E: [feller] Nee! Dan blijft alles zoals het is…
A: Precies, dat willen ze toch? Jij moet naar een organisatie waar jij past. Deze club is veel te soft voor jou.
E: [nog feller] Maar als je nooit hervormers hebt, wordt het nooit beter!
A: Jij komt uit Schotland toch? Wat is een typische Schotse hervormer?
E: Braveheart! Die stond op tegen de Britten in de dertiende eeuw…
A: A, .een geboren leider, net als jij! En, hoe is het met hem afgelopen?
E: Hij eh…werd gevangengenomen en vermoord vanwege hoogverraad [lacht]
A: Dus mevrouw Braveheart, ik zou het wel weten…


E: [fel] Weet je wat het is: er zit een nieuwe manager boven mij, die TOTAAL geen leidinggevende vaardigheden heeft en die probeert mij te micromanagen en dat trek ik niet! Ik ging vorige week voor het eerst in vier jaar naar huis met een kutgevoel.
[A & M kijken elkaar aan en gaan wat meer voorover zitten]
E: Ik heb mijn manager geconfronteerd, ik had vier punten te bespreken, we zijn ze ALLEMAAL langsgegaan en ik heb hem de waarheid verteld!
M: [steekt zijn vinger omhoog] De waarheid!
E: Hij belooft beterschap!
A: [vrolijk] Mooi, opgelost dus…
E: [kijkt ons via de spiegel aan, de felheid verdwijnt en ze glimlacht] Ja, ja mannen, ik snap wat jullie me duidelijk maken. Ik weet het zelf natuurlijk ook wel. Ik geef mijzelf nog een half jaar.
M: Maar je gelooft er niet meer in toch?
E: [zucht]…Nee, eerlijk gezegd niet.
M: Dus over een half jaar stopt het hier toch?
E: [rustig]. Ja, het is tijd voor een andere club!
A: Was iedereen maar zo duidelijk als jij Elizabeth.
M: Wij hebben een contract voor je! Mag je het opschrijven!
E: [lacht voluit] Kijk, daar heb ik nou wel zin in, kom maar op!

Het lintje van Lies

We zijn bij een revalidatiecentrum in het midden van Nederland. Lies komt binnen, een kordate dame die we eind vijftig schatten. Ze is vandaag de eerste van twintig cliënten.

A: Goedemorgen Lies! Goed dat je er bent! Je bent de eerste vandaag. Je ziet er vrolijk uit!
L: [opgewekt] Dank je!
A: Jeetje, ik zie dat drie telefoons bij je hebt, dan moet je wel heel belangrijk zijn. Je bent vast moeder; Je hebt zeker een dochter toch? Dus één privételefoon, 1 voor je werk en nog 1 voor je minnaar.
L: [lacht hard] Nee, een minnaar heb ik niet; Wel twee dochters. Die vinden trouwens dat ik status heb met zoveel telefoons. Ik heb inderdaad een privételefoon, één voor mijn eigen bedrijf en eentje van de revalidatiekliniek.
A: bereikbaarheid kan niet het probleem zijn…wat is het wel?
L: Ik heb mijn huiswerk gedaan…
A: Ah, hier zit een vrouw die alles goed en zorgvuldig voorbereid. Lekker overzichtelijk. Zijn wij er vast snel uit.
L: [harde lach] Meestal ben ik nogal chaotisch, maar nu heb ik goed nagedacht!
A: Wat is het probleem?
L: Ik heb een dikke mentale knoop.
A: Dat lijkt me niet fijn, sommige mensen hebben een klein mentaal kriebeltje, maar jij dus een DIKKE MENTALE KNOOP! Waar zit die eigenlijk?
L: Nou, het heeft wel met de telefoons en computers te maken…
M: Aha, je kunt het allemaal niet meer volgen. Het gaat ook zo snel die technologie van tegenwoordig, vroeger kon je gewoon…
L: [lacht] Ja, jullie zullen me wel een oude tut vinden, maar dat is het wel. Vroeger kon ik gewoon mijn werk doen, was er vertrouwen en hoefde ik het allemaal niet vast te leggen. Nu moet ik zelfs tijdschrijven…
A: Vroeger was alles beter,; de wereld gaat er langzaam aan kapot; systemen nemen de wereld over. Maar wat is nu precies die mentale knoop?
L: [emotioneel ] Mijn probleem is dat ik naast mijn werk allerlei verslaglegging moet doet waar ik het nut totaal niet van in zie. Ik vul maar wat in, het kost mij zo ongelooflijk veel moeite.
A: Zinloos geweld!
L: [verdrietig] Ik kan nu wel huilen…[stilte]…ik heb ruimte en vertrouwen nodig. En nu word ik als een klein kind gecontroleerd…[stilte] …waar ik bang voor ben is dat mijn hele vak eruit gaat…[tranen staan in haar ogen]
M: [vrolijk] Dat is wel lekker, want dan ben jij er eindelijk van af!
L: [lacht hartelijk door tranen heen] Dat wel…
M: Ben je toe aan pensioen?
L: [verrast] Dat is wel een mooie vraag, ik denk…
M: [onderbreekt]  Jij hebt al zoveel voor mensen gedaan in de afgelopen jaren, toch?
L: [kijkt voldaan] Ja, dat klopt. Ik werk al zesendertig jaar. En al heel lang als therapeut in deze revalidatiekliniek.
M: Dus bij de volgende lintjesregen…
L: [lacht hard] Daar gaat het mij niet om, maar…
M: Maar??
L: Nou, die waardering…het persoonlijk contact…dat is er niet altijd.
A: Bij deze! We zijn je zeer dankbaar voor al die mensen die jij hebt geholpen, JIJ doet fantastisch werk. Je hebt genoeg gedaan. Het lintje is voor jou!
L: En ik moet nog zeven en een half jaar.
M: Van wie?
L: Van mijn portemonnee.
M: Hoe belangrijk is die?
L: Die verschaft vrijheid, zo zit de wereld in elkaar. Nu heb ik weer een fijne partner, maar ik ben tien jaar alleenstaande moeder geweest…dan heb je het bepaald niet ruim.
M: [kijkt Lies indringend aan] Lieve Lies, daar krijg jij ook een lintje voor. Die heb je verdiend.
L: [beduusd] Ik ga zo weer huilen.
A: [vrolijk] Wacht maar tot je jouw lintje echt krijgt, dan gaan wij ook huilen!

Lies lacht hard en heeft tranen in haar ogen. We laten een korte stilte vallen.

M: Hoeveel dagen werk heb jij nog in je?
L: Wat stellen jullie mooie vragen, dit is ook echt een goede vraag. Ik denk er over om een dag minder te gaan werken…de vrijdag…maar ik verbind mij met de systemen waaraan ik ben gekoppeld, dus zomaar stoppen kan niet. Niet morgen.
A: Wanneer kan het wel Lies!? Waarom en wanneer het allemaal NIET kan, dat is duidelijk. Dat jij het WEL wil is ook duidelijk. Dus…
L: Vanaf maart volgend jaar, die tijd heb ik nodig om het te regelen.
M: Mooi! Maart 2024, wanneer ga het vertellen?
L: Aan wie?
M: Aan iedereen! Je nieuwe partner, jouw leidinggevende en cliënten
L: Uh, nou…dat gaat wel wat snel…
A: Precies, net zo snel als alle nieuwe digitale middelen; je bent niet meer de jongste.
M: Dus ouwe therapeut, met je dikke mentale knoop, wanneer ga jij het vertellen?
L: [lacht hard] Ouwe therapeut! Mooi zijn jullie…[zucht, opgelucht]… maar jullie hebben wel een punt. Ik ga het volgende week vertellen…en die dikke mentale knoop is ontward. Dank mannen!

Komt een deurwaarder in een gitaarwinkel

We zijn bij een groot deurwaarderskantoor in omgeving Zwolle. Edwin komt binnen, een vijftiger, grote grijze baard, vrolijke kop en veel tatoeages.

E: [vrolijk] Ik was niet van plan dit te doen, maar had nog een half uurtje over, dus ik dacht weet je wat? Ik kom een Mentale Knipbeurt halen!
A: Jij klinkt als een Rotterdammer, hoe kom je hier terecht?
E: Klopt, mijn vrouw komt hier oorspronkelijk vandaan. Zo’n vijfentwintig jaar geleden zijn. we uit Rotterdam vertrokken. Er kwam een mooie kans voorbij om hier ruimer te gaan wonen. En ik ben wel van kansen grijpen als ze langs komen.
A: [enthousiast] Mooi! Dus jij durft door te pakken!
E: [vrolijk] Ja, precies!
A: En waarom zit je hier?
E: [serieus] Ik ben inmiddels 58 en heb nog 7 jaar te gaan tot aan mijn pensioen. Ik denk wel eens ‘ga ik het nog zeven jaar hier volhouden?’
A: [vrolijk] Lijkt me niet toch?
E: [serieus] Of ga ik nog kijken of ik iets heel anders kan gaan doen?
M: [kijkt op van zijn leesblaadje] De vraag stellen is hem beantwoorden…
A: Jij hebt allang besloten dat je dat gaat doen!
E: [serieus, voorzichtig] Nou, soms zeg ik wel eens: ik kan altijd nog een gitaarwinkel beginnen [Edwin’s gezicht klaart helemaal op].
A: Dus jij wilt een gitaarwinkel openen?
M: Ik zie het direct voor me!
E: [argwanend] Echt?
M: [Enthousiast] Zeker, een zaak met exclusieve gitaren, echte koffie en heel waarschijnlijk ook een klein barretje toch?
E: [met energie] Ja!  Voor mensen die van goeie muziek houden!
A:[lacht] Hoe gaat jouw zaak heten?
E: Daar heb ik niet over nagedacht.
M: [grapt] Teleurstellend.
E: uuhh
A: Heb je wel een logo dan?
E: [energiek] Nee, maar ik weet wel dat het iets krachtigs moet uitstralen; Een ‘street-achtig’ logo. Gelukkig kan mijn zoon vragen dat te maken.
A: Mooi! Stap één is dus jouw zoon vragen om een logo te maken. Hoe voelt dat?
E: [Blij] Zou ik fantastisch vinden!
A: Je loopt natuurlijk wel het risico dat hij dat binnen een week klaar heeft en dan moet je wel snel verder.
E: [schiet in de lach] Dan ken je mijn zoon niet, dat is zeker geen probleem! We spelen samen in een band, hij is daar best wel druk mee. Verder is hij is ook best traag. Dus dat logo laat nog wel even op zich wachten.
A: Maar je zegt dat je er heel veel zin in hebt toch?
E: [Vrolijk] Ja man! Het gebeurt waar je bijstaat, ik word er helemaal blij van!
A: We zijn er dus uit! Mooi!
E: [ineens onzeker ]Tja…wat weerhoudt mij dan nog hè?
A: Wat gebeurt er nu Edwin?
E: [vertwijfeld] Ik voel me onzeker… geen vast salaris, geen duidelijkheid…
M: [duidelijk] Ik zie het je eigenlijk ook niet doen!
A: Eens, het is een mooi plan, maar verder uitwerken wordt niets.
E: euh…ja…inderdaad…jammer…
A [tegen Martijn]: Wel jammer toch, van die zaak? Zoiets is er nog niet in deze regio volgens mij…
M [tegen Arno]: Klopt, maar Edwin is er gewoon niet voor in de wieg gelegd…hij ziet er misschien best rock & roll uit, maar uiteindelijk is het toch een burgerlijke vent met net iets teveel tattoos en een hippe baard.
A: Jammer
E: [weifelend] Maar ik wil het wel…
M: Hmmm.
A: Precies, tja…ik wil het ook wel, maar…jammer. Gewoon lekker blijven werken bij de deurwaardersclub. Je bent nu manager. Veel beter voor iemand als jij.
E: Ik heb veel verstand van gitaren, fabrikanten en muziek. Dus ik zou het toch wel kunnen, denk ik…
A: Kan zo zijn, maar je neemt toch te veel risico, vrees ik.
M: [lacht] Straks staat een collega van dit deurwaarderskantoor op de stoep. Gitaarwinkel failliet, we komen je huis leeghalen!
E: [lacht hard] Ach, nee man! Tuurlijk niet. Ik ben geen domme jongen en kan dit! Ik ga beginnen!

M: Dus wat houd je nog tegen Edwin?
E: [opgelucht, grote glimlach] Nou niks…

A: Wanneer ga je beginnen? hoe ga je het vertellen hier?
E: Nou gewoon, niet er omheen draaien. Ik ga het straks gewoon uitspreken!
A: [twijfelt] Ik weet het niet Edwin, het is wel een hele grote stap!
E: [overtuigd] Precies! Een grote en hele goede stap! Ik ga het met mijn zoon bespreken en daarna het anderen delen. Ik bedenk me net dat ik iemand ken die me wel wil helpen. Ik ga het doen! Ik word er helemaal blij van!

Edwin tekent een contract, hij opent uiterlijk 31 december 2024 zijn eigen gitarenzaak!
We worden uitgenodigd voor de opening.

112 voor Pieter Jan

Pieter Jan is een echte verschijning: flink gebruind, strak gekapt, lichte zomerbroek, hippe polo, riem en zomerschoenen passen bij elkaar. En uiteraard een kostbaar horloge. De man is imposant, directief en weet duidelijk wat hij wil.

M: Jeetje, jij ziet er echt uit als een topmanager
PJ: [straalt licht arrogant]
M: En wat een prachtig horloge heb je trouwens, mag ik eens zien?
PJ: Ja, dat is een….
A: [onderbreekt] Wat is jouw probleem Pieter Jan?
PJ: Ik wilde net even iets over mijn horloge vertellen aan hem [wijst naar Martijn]
A: [dominant] Hij heet Martijn. Wat is jouw probleem Pieter Jan? Jouw horloge zeker niet toch? Ben je slecht in namen? Vinden mensen je arrogant? Wat is het?
PJ: Mijn vrouw vroeg me naar jullie te gaan…tja.
A: Ben je haar naam ook al vergeten. Jan Pieter?
PJ: Het is Pieter Jan.
A: Heeft jouw vrouw ook een naam Pieter Jan?
PJ: [zachtere stem en ogen] Elske…ze heet Elske, en we hebben twee zoons, Mees en Sam.
A: Ik vraag het nog een keer Pieter Jan? Wat is jouw probleem!
PJ: Elske maakt zich zorgen over me, ze vindt dat ik veel te hard aan het werk ben.
M: Maar dat ziet ze natuurlijk verkeerd. Je krijgt er veel energie van toch? En je bent goed.
PJ: Inderdaad, mijn werk is superbelangrijk. Ik zou niet anders willen.
M: Dus JIJ hebt geen probleem, Elske heeft een probleem. Ze moet gewoon niet zo zeuren toch?
PJ: Nou…
A: Jan Pieter, je gaat…
PJ: het is PIETER JAN!
A: Die Elske van jou moet gewoon accepteren dat jij succesvol bent en bakken met geld verdient. Daar hoort keihard werken gewoon bij. Dat je daarmee je huwelijk en kinderen veel minder aandacht kunt geven is logisch. Dat heeft iedere succesvolle man, Elon Musk ook.
PJ: [glimlach] Ja, dat wel.
A: Nou dan. Geef me je telefoon, dan bellen we haar gelijk om dat te zeggen.
PJ: Nou..ehh..
M: En zeggen we gelijk dat zij een probleem heeft en even bij ons moet langskomen in plaats van jou te sturen….wie denkt Elske wel dat ze is, jij weet echt wel waar je mee bezig bent!
PJ: [zacht] Misschien heeft ze wel een punt
A: [tikje tegen knie] Jan Pieter wat zeg je nou?! Doe es ff normaal man. Natuurlijk vul je jouw dagen, avonden en soms nachten met keihard door werken. Je wilt toch verder de carrièreladder op?
PJ: Ik zat laatst ook al bij de huisarts; hoge bloeddruk en hartkloppingen.
M: Niet naar luisteren! Die huisartsen zijn veel te voorzichtig en willen natuurlijk geen risico nemen. Dat noemen ze risicoavers. Typisch voor zorgverleners. Maar jij bent een zakenman, toch? Risico nemen hoort erbij. Een beetje hoge bloeddruk…
A: Pieter Jan wordt een beetje bleek, Martijn gaat het wel goed met hem?
M: Shit, ik zie het. 112 bellen, denk je?
PJ: Ik ben laatst wel geschrokken, mijn hart ging als een gek tekeer….dat heb ik Elske maar niet verteld.
M: [staat op, gaat achter Pieter Jan staan. ”Geachte aanwezigen, lieve Elske, Mees en Sam. Wat zullen jullie je vader gaan missen! Een bijzonder mens is plotseling heengegaan. Pieter Jan was een harde werker, een echte doorzetter, hard van buiten en zacht van binnen. Hij had nog zoveel dromen met jou Elske…en natuurlijk met jou Mees en met jou Sam [doodse stilte]. Hij voelde de fatale hartaanval niet aankomen, ondanks jouw waarschuwingen Elske en…
PJ: [rustig en zacht, waterige ogen] Wow mannen…wow mannen…
[Stilte, Pieter-Jan slaat zijn handen voor zijn ogen]
PJ: Dit komt wel binnen zeg…Dit is wel waar ik bang voor ben…

[Arno en Martijn leggen een hand op zijn schouder]

PJ: Wat ben ik toch een zakkenwasser! Ik moet natuurlijk beter oppassen, ik herken de signalen, de stress en weet dat ik iets moet veranderen. Zo kan het niet langer. Ik heb een gezin…

[PJ met vochtige ogen, rustige blik…eerlijk gezegd zijn wij ook onder de indruk]

Na een minuutje sluiten we af. Zonder contract deze keer. Dat voelt ongepast en zeker niet nodig!

Pieter Jan geeft ons een ferme hand en gaat vastberaden naar buiten. We zijn er stil van. Wow!

Edith zwelgt met witte wijn.

Edith komt de coachsalon binnen, ze lijkt een opgeruimd type. Netjes, ordelijk en zakelijk. Ze is snel, haastig en op een gezellige manier druk.

M: [snel en haastig] Goedemorgen Edith, kom snel zitten, we beginnen direct! Wat is het probleem?
E: Ja, ja….eh….mag ik ff gaan zitten?
M: Nou heel snel…..kom op. Wat is het probleem?
E: [harde lach]….ja ik kom ook zo chaotisch binnen…nou vooruit. We kunnen!
M: [zucht diep] Ben je eindelijk zover? Voor de laatste keer….wat is het probleem?
E: [berustende glimlach] Eind vorig jaar is mijn LAT relatie uit gegaan.
M: [Enthousiast] Heerlijk!! Weer alle ruimte. Gewoon één huishouden. Dat kan niet het probleem zijn!
E: [Hartelijke lach]
M: Dat is niet het probleem toch?
E: Nou, ik heb hem kortgeleden weer gezien, we hebben echt een klik en ik weer veel verdriet. Ik worstel met loslaten.
A: Kun je dat een beetje?
E: [in de war] Wat bedoel je?
A: Nou worstelen, win jij?
E: [opgeluchte lach] Nou, het is een uitdrukking.
M: De oplossing is om hem nooit meer te zien toch?
E: Ja, maar hij wil vriendschap.
A: Gadverdamme….dat is dus geen seks!
E: [hand voor mond met luide lach] Ja, nou…dat zeg je toch niet…
M: Hoe lang was het? De relatie bedoel ik dan? Natuurlijk niet zijn….
E: [wederom lach] twee jaar.
M: Dus echte liefde en toch LAT
E: Hij wilde samenwonen….maar zijn kind wilde mij niet ontmoeten…….vanwege autisme
A: Heeft het kind autisme of jij?
E: Allebei!
A: [geinig] Dus de ene autist wil de andere niet ontmoeten. Dat is wel echt heel autistisch zeg!
E: Ik haar wel hoor!!
A: oooh, dus jij bent minder autistisch dan zij!
E: [lacht]
M: Wat is nu eigenlijk het probleem Edith?
E: Ik heb nog heel veel verdriet, en eigenlijk moet hij hier zitten….alleen hij is kaal.
M: Wij knippen ook kale mannen hoor!
E: [lacht] nou ja…
M: Dat je verdriet hebt is een feit toch? Niet per se een probleem!
E: Nou, ik vind van wel want ik wil graag door met mijn leven.
A: [geschrokken]……ben je daarmee gestopt dan? Je ziet er goed uit voor iemand die gestopt is met haar leven…
E: [met glimlach] nee, dat is een uitdrukking. Ik ben wel weer aan het daten bijvoorbeeld….maar ik vind niemand leuk.
M: Vind ik heel autistisch! Waarom was hij wel leuk.
E: Ik vond hem slim, aantrekkelijk, sexy en gewoon leuk.
M: Ok. Je wilt dus door met je leven, wat lukt er nu niet?
E: nou, loslaten! Ik ben heel loyaal. Loslaten vind ik moeilijk, maar hij wil niet met mij door….dus ik moet loslaten.
A: Jij weet ook wel, dat is het mooie aan jou, dat je iemand zo geweldig kunt vinden is ook een kwaliteit. Dat is heel waardevol toch?
E:[verrast] Ja, dat vind ik eigenlijk ook wel.
A: Het enige dat je wilt is dat het opschiet.

E: He, wat bedoel je?
A: Als jij verliefd bent geweest en het is over, dan voel jij je toch altijd zo? Toch?
E: Hé ja, dat is wel zo!
A: Dus het zou raar zijn als je er zo over heen zou zijn….dus eigenlijk moet je dit koesteren…
Elke dag extra is een feestje dus!!
M: Ja….je moet zo lang mogelijk door in het verdriet.
E: Nou het heeft ook wel iets treurigs, zo blijven hangen.
M: ik vind het wel mooi! Het is zoals seizoenen, het is ff herfst.
E: Ja? Zo kun je er ook naar kijken.
A: Eigenlijk wil jij veel killer worden. Een bitch die na twee jaar relatie gewoon op een andere vent duikt!
M: Kun jij ook zo heerlijk op de bank liggen te zwelgen, tranen, zakdoekjes, films….
E: [lacht helemaal vrijuit] Jaaa
M: En ook drank toch?
E: Probeer ik maar niet te doen….
M: Flessen wijn, chocolade, dekentje
E:[heerlijke lach] en ook ijs! [serieus] Ik vind het wel mooi wat je zegt over de seizoenen….misschien moet ik het wat meer accepteren en omarmen.
M: En hem laten weten, hoe verschrikkelijk verdrietig jij bent…..hem appen…..lvrdei ik vzit wwweer dronku op dje bank…
E: Zou je dat aanraden?!
A: Tuurlijk! Wie niet horen wil moet maar voelen, wat een nare man. Hij laat jou met al jouw verdriet zitten…wat een lul!
E: Ja…misschien. Misschien moet ik maar een beetje uitrollen….
M: En hij laat wel iemand gaan zeg….wat een sukkel!
A: Lieve schat, je hebt iets heel moois gehad met hem…. het is wel belangrijk om het goed af te ronden…
E: [tranen in ogen] ik had veel veerkracht….maar nu verdrietig
A: Waar vond je veel veerkracht?
E: Ik ging shoppen, nieuwe dingen kopen
M: Je ging het uit de weg! Gevoel wil gevoeld worden…dan gaat het weg. Als je het wegduwt, blijft het terugkomen.
A: En duw je het met rood of wit weg…
E: [vrolijk] met wit!! Ik ga even extra genieten mannen, even heerlijk zwelgen, rouwen. Met witte wijn, chocolade….ik accepteer even dat het herfst is, een mooi seizoen. Na de winter begint de lente weer. Ik kom hier wel weer over heen….dank jullie wel.

Erik en zijn dochter, dat wordt niets.

Erik komt vrolijk de coachsalon binnen en kijk beetje verwonderd rond. Lekker zomers gekleed, linnen wit shirt, lichte broek en espadrilles neemt plaats in de kappersstoel.

M: [zachtjes] Ik voel een soort sereniteit
E: Eigenlijk wil ik helemaal geen Mentale Knipbeurt, kunnen we niet gewoon een spelletje doen?
M: Ssst…even niks.
A: [fluistert] Even stil zijn.
M: [Sluit zijn ogen en ademt diep in en uit]

We kijken om ons heen, fluisteren een beetje over niks, “mooi toch, stilte? Ja, lekker zomers pak heb je aan trouwens…heerlijk…lekker toch?” Erik wordt een beetje nerveus. De stemming is giebelig.

A tegen M: [fluisterend] volgens mij heeft Erik helemaal geen probleem
E: Ik krijg het helemaal warm.
M: [fluistert] Zullen we ik zie ik zie wat jij niet ziet doen?
E: [grinnikt]
A: [fluistert] Of geen JA -ger geen NEE-ger

We barsten allemaal in luide lach uit.

M: Lach jij eigenlijk wel genoeg Erik?
E: Ja zeker, om cabaretiers, vooral Theo Maassen
M: Zou je meer om jezelf willen lachen?
E: Ja, ik kan heel hard zijn…weet je wat ik wel zou willen? Mijn dochter hier eens neerzetten! Ze luistert slecht, doet haar best niet op school en blijft waarschijnlijk zitten. Ik wil echt graag dat ze over gaat.
A: Dat slecht luisteren heeft ze van haar moeder, toch?
E: Ja, natuurlijk!
A: Ja, had ze maar meer van jou gehad, dan was ze zeker over gegaan.
E: Ik had alleen maar hoge cijfers op school inderdaad!
M: Vindt jouw dochter het zelf een probleem? Hoe heet ze eigenlijk?
E: Eva! Nee, volgens mij zit ze er niet zo mee.
A: Ze vindt zeker dat jij niet zo moet zeuren?
E: Exact! Ze zegt: ‘ik ben niet zoals jij pap!’ Ik zie haar ook worstelen, met haar sociale ontwikkeling. Ik zie patronen die ik zelf ook heb: je heel erg aanpassen aan anderen; over grenzen laten gaan.
M: Nou valt volgens mij wel mee. Ze past zich in ieder geval niet aan om jou te pleasen!
E: [lacht hard] Nee, inderdaad!
A: Hoe is het eigenlijk met Eva?
E: Soms is ze leuk en soms niet…
A: Oh fijn, ze moet leuk zijn! Hoe is het met haar Erik?
E: [verlegen] Euh, dat weet ik niet zo goed eigenlijk.
A: Wanneer heb je voor het laatst met haar gepraat?
E: Gisteren nog; we praten vaak.
A: Ja, praatje pot! Volgens mij ben je niet geïnteresseerd, zolang ze maar leuk doet!
E: Nee! Ik wil echt weten hoe het met haar is.
M: Oké, wanneer ga je echt met haar in gesprek?
E: [verward] Euh…nou, heel snel…maar wat moet ik dan precies zeggen/vragen?
A: Tja, da’s best wel ingewikkeld om met Eva een gesprek te voeren. Martijn, heb jij tips?
M: [Handen over elkaar, kijkt omhoog, schudt nee] Super ingewikkeld…echt geen idee…misschien…laat maar, te lastig.
E: [lacht] Ja mannen, ik snap het heus wel. Maar het is gewoon niet makkelijk, ze wil het alleen maar over paarden hebben!
M: Oké, we draaien het om: ik ga met jou in gesprek en jij antwoordt? Hi Erik, hoe gaat het met je?
E: Nou, wel prima eigenlijk…
M:[slaat tegen voorhoofd] En jij denkt dat het interessant is voor Eva?
E: Nee…[harde lach]
M:[rolt met ogen] Nog een keer: Erik, hoe gaat het met je?
E: Het gaat wel lekker…
M: Jezus Erik, dit klinkt als een bouwvakker die tijdens de lunch een gesprek over niets voert!
E: Daar hou ik helemaal niet van, een gesprek dat over niets gaat.
A: [lacht hard] Je bent er anders wel bijzonder goed in. Wanneer gaat het gebeuren, het gesprek?
E: God Martijn!, wat ben jij irritant, ik heb zin om je te slaan!
M: DOE DAN! SLA ME DAN!
E: [ramt Martijn op schouder]
M[luide stem]: JIJ bent irritant Erik, ik zit hier volgens mij NIET met een betrokken vader!
E: Ik vind het gewoon moeilijk, een echt gesprek met haar…
A: Weet je Erik, je hebt gelijk, het IS ook echt HEEEEEL moeilijk een écht gesprek voeren waar JIJ zo van houdt…met diepgang…ik zie het jou ook niet doen!

M: [fluistert] Hoe zou het zijn? Een echt gesprek? Open, onzeker…over haar…over jou…
E: [geëmotioneerd] Dat zou ik heel graag willen.
A: [fluistert] Maar daar ben je niet geschikt voor…
E: [luidere stem] Ach, natuurlijk wel! Ik ga het gewoon dit weekend doen.
A:[fluistert] Dat lijkt me geen goed idee Erik, je moet natuurlijk wel goed voorbereiden, je weet immers niet hoe dat moet!
E: [Staat krachtig op en spreekt met luide stem] Ik ga het gewoon doen, nu houd ik mezelf tegen! Dit weekend met praten, een echt gesprek voeren over haar en mij!

Geralda heeft een ruk-vitaliteitsdag

We zijn op een Vitaliteitsdag van een dienstverlener in midden van het land. Geralda komt kordaat de coachsalon binnen. Ze is achter in de vijftig met een daadkrachtig en vrolijk uiterlijk.

A: Zo, jij komt echt binnen! Ga zitten. Wat is het probleem?
G: [smalend] Ik werk 21 jaar voor deze grandioze organisatie.
A: [vrolijk] Gefeliciteerd! Dat is fantastisch!
M: Heb je al bloemen gehad?
G: [lachend] Nee,wel iets anders
M&A: Vertel!!
G: Ik heb afgelopen week een gesprek gehad met de directeur. We gingen gezellig lunchen,dacht ik.
A: Zoo…met de directeur…gezellig lunchen? Wat vond jouw man daar eigenlijk van…
G: [cynisch] Nou, zo gezellig was het niet…hij zei: “we hebben een uitdaging, je bent over!”
M: Over??
A: [enthousiast] Naar een volgend level over…als in een game dus!
G: Nou, er wordt wel zeker een spelletje gespeeld…
M: [lacht] Dus jij gaat met jouw directeur gezellig lunchen en spelletjes spelen, wat vindt jouw man daar eigenlijk van?
G: [luide lach] Maar het is helemaal NIET grappig. Ik ben OVER als ik ben Overbodig! Ze kunnen verder zonder mij! En nu mag ik kiezen: een VSO, vaststellingsovereenkomst, nu 3 dagen werken en over een jaar ontslag nemen of nu ontslag nemen en werken als ZZP’er. Gegarandeerd twee jaar werk…
A: Klinkt als het rad van fortuin, ook een soort spel
M: Wel leuk dat jij de prijs mag kiezen. Wat heb je gekozen?
G: Helemaal niets! Ik wil niet kiezen, ik wil gewoon hetzelfde blijven doen.
M: Vind je jouw werk leuk?
G: Ik dacht van wel, maar inmiddels niet meer.
A: Je bent een standvastige vrouw toch?!
M: Ik zou gewoon stoppen; lekker fietsen met jouw man, richting pensioen, prima toch? Maar jij laat dus bepalen door een ander of jij jouw werk leuk vind? Dat is helemaal niet zo standvastig!
G: [Luide lach] Nee, eigenlijk niet.
M: Hoe ziet jouw ideale werkweek er uit?
G: Drie dagen werken, in mijn huidige baan en dat nog vijf jaar. Dat!
M: Nou dan!
G: Dat heb ik voorgesteld, in gesprekken, via de mail.
M: Nou dan!
G: Ze blijven zeggen dat ik OVER ben….
A: Wat vindt je man?
G: Die zegt dat ik voor mezelf moet kiezen, financieel hoeft het niet.  
M: Wat een schat! Ik zou het doen.
A: Ach lieverd, teleurgesteld in jouw grandioze organisatie…slaap je goed?
G: [beduusd] Minder.
A: Verlies je energie?
G: [duidelijk] Ja!
A: Maak je je zorgen?
G: [serieus] Ja!
A: Hoe graag wil je van dat gevoel af?
G: [tranen wellen op] Als ik dat toelaat, ga ik janken…
M: Daar hebben wij helemaal geen zin in, zeker niet van een standvastige vrouw, NIET HUILEN!!
G: [breekt, snikt en lacht] Hier had ik dus geen zin in, dit wil in niet
M: STOP MET JANKEN GERALDA!
G: Ik voel hoe veel pijn het doet; ik word gewoon gedumpt. Ik wil niet dat zij winnen…
M: Hoe heet die directeur, is ie hier op kantoor, heb je zijn nummer? We bellen hem direct!
G: [lacht door tranen] Het is ook echt verschrikkelijk toch? Wat doe ik hier nog, vitaliteitsdag, werkgeluk, my ass!! ik ben er klaar mee. Het is goed zo. Ik ga stoppen!
A: Nee, niet doen, dan winnen zij!
G: [duidelijk en energiek]. Ik ben eruit mannen. Ik vertrek. Het is mooi geweest hier. [met humor] Daaag grandioze organisatie!

Kort erna ontvangen we een email van Geralda.

Hi mannen,
Enige tijd geleden heb ik een mentale knipbeurt gehad. Jullie  hoopten dat ik in beweging zou komen. Wel nu, ik heb zeggen en schrijven nog 1  hele dag bij mijn werkgever gewerkt! Vrijdag jongstleden heb ik mijn ontslagbrief getekend.

Kortom: de Mentale Knipbeurt heeft mij zeker in beweging gebracht, en hoe! Dank jullie wel!

Hartelijke groet, Geralda

Bianca, parels en uitgelopen mascara

We zijn op een zorgcongres. Bianca komt de coachsalon binnen. Een vrouw van midden vijftig, een stevige dame, mooie kleding en vooral veel grote sieraden.

A: Hi Bianca, hoe zit je hier?
B: Dubbel.
A: Dubbel? Ben je met z’n tweeën?
B: [lacht] Nee, ik heb een hekel aan grootschalige evenementen, en ben blij dat ik even bij jullie in deze intieme setting kan zijn.
A: Aha, je komt even schuilen! [zingt] Mag ik dan bij jou schuilen, als het nergens anders kan….
B: [schiet direct vol]…sorry hoor…Jezus zeg!
A: Nou zeg! Ik weet dat ik niet kan zingen, maar om direct hierom te gaan huilen vind ik ook ongepast!
B: [lacht door tranen heen]. Ik heb een hekel aan veel mensen, prikkels en herrie….ik ga altijd doodmoe naar huis.
A: Dus je hebt rust nodig?
B: Ik ben omgeven door depressieve en neerslachtige mensen. Die trekken me helemaal leeg.
A: [luide stem] Dus jij vind ons depressief en neerslachtig? Je bent lekker bezig Bianca!
B: [lacht] Nee god, nu niet. Jullie zijn leuk, maar thuis! Dat is echt niet gezellig. Ik heb een depressieve man en moeder.
A: En worden die dan depressief van jou? Ben jij zo’n moeilijk geval?
B: Nou, nee. Ik heb een heel ander karakter; Ik ben geen piekeraar of tobber.
M: Ben jij een zorgzaam type?
B: [aangevallen, beetje hautain] Nee zeg, ik ben geen verpleegster, ik ben dokter!
M: Ooh, ben je dokter. Dan snap ik het wel. Als je nou verpleegster was, had je ze wel willen ondersteunen, maar een beetje dokter doet dat natuurlijk niet; Wat denken ze wel! B: [aardappel in keel] Ik ben dokter! En als dokter help ik geen depressieve mensen, dat doen de verpleegstertjes maar…
A: En wat voor een dokter ben je dan eigenlijk? Ik hoop geen psychiater toch? Dan zit je altijd met dat soort hopeloze types, zeg alsjeblieft dat je geen psychiater bent?
B: [kijkt soort schuldig, zacht] Ja, ik ben psychiater…[begint te huilen]’
M: Dat lijkt me echt irritant. Ben je aan het werk, kom je allemaal ingewikkelde mensen tegen met problemen, suïcidaal, depressief, schizofreen, dan ga je lekker naar huis en hup kun je gewoon door met je werk! Ook wel lekker is de werk/privé balans altijd goed!
B: [huilt nog steeds] Het is echt zwaar, ik word er gek van soms.
A: [grapt] Zie je, het is aanstekelijk.
B: [lacht door tranen]…nou inderdaad zeg, soms lijkt het wel zo. En ik blijf altijd maar monter en opgewekt thuis.

A: Hoe heet jouw man?
B: Wim
A: Natuurlijk, Wim. Is hij echt depressief? Suïcidaal ook?
B: Nou, hij is wel heel zwaarmoedig en ook een slachtoffer. [boos] Dat vind ik zo enorm fucking irritant!
A: Maar jij bent psychiater, is hij depressief?
B: Niet echt…eigenlijk. Hij is meer…tja…zwaar op de hand of zo.
M: Die Wim is echt een slimmerd, hij wist natuurlijk al vroeg dat hij zwaarmoedig is, gaat trouwen met een psychiater nota bene, hoeft hij zelf tenminste niets te veranderen. En in ieder geval een vrouw die begrip heeft [vermoeide toon, krakerige stem] voor zijn zware leven. En dan ook nog een vrouw wiens moeder ook depressief is, dan kan hij altijd zeggen: je wist waar je aan begon lieverd!
B: [ontploft bijna] Dat is verdomme precies wat hij zegt! Ik werk me het schompes, kan nergens op adem komen, moet mijn moeder verzorgen en [sarcastische toon] mijn zielige Wim. Ik ben er echt klaar mee…
A: Dat vind ik zo mooi aan jou, dat je hier zo ontploft en thuis net doet alsof alles prima gaat, want dat doe jij toch Bianca? Ik denk dat jij thuis de keurige psychiater bent, de dokter met de mooie parelketting die alles wel in de hand heeft en sterk is. En zeker geen Mentale Knipbeurt nodig heeft.
M: [zacht, liefdevol] Lieve schat, waarom zeg jij nu niet eens thuis hoe het met jou gaat, wat jij nodig hebt, dat je het zwaar vindt.
B: [huilt] Ik probeer me zo sterk mogelijk te houden, ik wil niet dat Wim zich schuldig voelt, hij kan er ook niets aan doen en…
A: [onderbreekt] Kan er niets aan doen? Hij is gewoon een profiteur! Een man die alle ellende uitstort over jou! Een enorme egoïst! Je moet hem eens goed de waarheid zeggen! M: En dat kun je met liefde doen…kijk eens hoe moe en leeg je hier zit. Wim heeft er recht op dit ook te zien. Als je zo doorgaat ben je niet oprecht naar hem, je liegt tegen hem, hij denkt dat het wel meevalt. Natuurlijk gaat hij zo door. Weet hij veel. Eigenlijk is het allemaal jouw eigen schuld!
B: [verward, bozig] Mijn schuld? Maar hij doet…

[we zien het kwartje vallen]
B: [diepe zucht, mascara all over the place en een warme blik] Natuurlijk jongens, ik ben niet gek, ik zie het ook wel. Ik ben me bewust dat ik bang ben Wim te laten zien hoe het voor mij is en dat ik daarmee iets in stand houd. Ik ga met hem praten vanavond. Ik ga hem laten zien hoe zwaar ik het vind….[een heel relaas en plan volgt].

Bianca is duidelijk opgelucht, ze heeft haar verhaal verteltd en is vol goede intenties om het gesprek vanavond aan te gaan; ze heeft een contract ondertekend met daarop haar plan.  Ze staat op en maakt aanstalten om  de coachsalon uit te lopen. Martijn en ik gaan samen in gesprek

A: Martijn, ik denk niet dat ze het doet
M: Tuurlijk niet, ze doet nu wel alsof, maar ze is er veel te schijterig voor. Het lijkt heel wat, maar uiteindelijk is ze toch meer een verpleegster dan een dokter.
A: Wim heeft het goed bekeken.

B: [draait zich om met een grote lach]. Stelletje zijn jullie, ik ga het echt doen!

De zielige stiefmoeder

We zijn bij een dienstverlener in het Oosten van Nederland. Ingrid komt de coachsalon binnen. Een hip uitziende vijftiger. Pittige laarzen, strakke spijkerbroek, mooie trui. Ze komt met glimlach en zonnebril in het haar binnen.

Ingrid gaat zitten met een diepe zucht.
M: Zo! Waar komt die vandaan?
I: [verbaasd] Wat ik?
M: Nee….. die zucht!
I: Ik denk van de spanning, maar ik heb er wel zin in hoor!
A: [vrolijk] Nu nog wel…wacht maar..
I: [lacht]…Nou ben benieuwd.
M: Het klonk als een soort aanloopje…die zucht….zo van: ik ga je iets vertellen.
I: Het is misschien wel een aanloopje…Ik heb twee verziekte stiefdochters van 18 en 21.
M: Ok, wat is het probleem?
I: Ik heb er soms last van.
M: Hoe?
I: Nou…[diepe zucht en met lach] als ze hun TERINGZOOI niet opruimen, als ze VERROTTEN iets te doen, als ze NOOIT aan mij vragen hoe het is…als ze de keuken TERRORISEREN…als ze…
A: [trekt vies gezicht] Dat klinkt inderdaad als wel hele nare bitches. Gadver!
I: [guitig] Ja, ze zijn ook HEEL NAAR!
A: En jij hebt ze niet opgevoed zeker? Dus jij kan er ook niets aan doen.
I: [lachend, zelfspot]…Nee, als ze mijn dochters waren geweest, waren ze heel lief, sociaal, beetje ondeugend en geïnteresseerd.
M: Precies! Niet zulke krengen als deze. Maar hoe uit het zich die last bij jou?
I: Ik klaag veel tegen mijn vriend; ik trek af en toe een flesje open.
A: Heerlijk toch? Plop! Hoe meer ze irriteren, hoe meer jij drinkt! Rood of wit?
I: Jaaaa, wit! Heerlijk!
A: Dus eigenlijk zijn ze het perfecte alibi voor jouw echte probleem, namelijk dat je veel te veel drinkt!
I: [lacht luid] Nee, dat is het niet. Mijn vriend zegt trouwens ook dat ze het van hun moeder hebben.
M: Dat is ook een bitch! Waarom wonen ze daar eigenlijk niet?
I: Eentje woont bij haar…die heeft mijn vriend eruit geschopt. Het prinsesje was er niet van gediend. Dan maar weg.
A: [vrolijk] Oohh, er is er nog maar één! Hoe krijgen we die zo snel mogelijk het huis uit? Dat wordt de strategie!
M: Hoe heet ze eigenlijk, die overgebleven bitch?
I: Eh…Manuela…
A: Ja hoor, het zit in de naam…Manipulatieve Manuela.
Ingrid giert het uit van het lachen.

M: Ja, wat een naar mens…wat een heks…precies haar moeder!
I: Als ze haar kamer moet opruimen, zet ze de rommel gewoon in de gang!
M: Wat verschrikkelijk! Echt?! Ze lijkt echt precies op haar moeder! Ik snap wel dat jouw vriend bij haar weg is. Woont ze nog in de buurt? Die ex?
I: Nee…We zijn laatst getrouwd in Portugal…ik zeg telkens mijn vriend, maar hij is nu mijn man. Het was heel leuk!
A: Ah, zeker zonder de bitches ……lekker samen!
I: Nee, Met!!
A: Huh? Waren ze toen wel leuk?
I: Nee…ook niet echt. Toen we het gingen plannen, was het nog wel veel beter. Nog even over hun moeder…vlak voordat wij gingen trouwen ging zij ook een trouwjurk uitzoeken; Zij moet zonodig ook trouwen over twee jaar…dat vond ik wel een beetje vals.
M: Maar het ligt allemaal niet aan jou toch?!
I: [verward] Huh, nee…ik denk dat ze jaloers is….dat ze ons gezellige leven wil kapotmaken.
A: En dat lukt wel goed toch? Eentje is al kwaad overgelopen…ze heeft jullie bruiloft verpest…nu de ander nog het huis uit. Dus, hoe zorgen we dat Manuela ook verkast?
I: [zacht] Nee…dat wil ik niet…
A: Huh? Hoezo?
I: [liefdevol] Ze is ook echt wel lief…
M: [bozig] Dat speelt ze maar…typisch gevalletje borderline…net haar moeder…weg met haar!
I: Ach nee…ik snap het ook wel. Ouders gescheiden, allebei weer nieuwe partner…dat is voor zo’n meisje…
M: [onderbreekt] Stop! Ingrid, we waren er net over uit. Manipulatieve Manuela moet het huis zo snel mogelijk uit! Maar ze is op een leeftijd dat ze bijna uit huis gaat toch? Studie?
A: Weet je wat ik denk Ingrid! Jij bent gewoon jaloers!
I: [verbaasd] Wat? Ik??
A: Ja, tuurlijk! Op die prinsesjes. Jij bent helemaal geen opvoeder, je overschat jezelf. Vinden ze jou ook een heks?
I: [zacht] Nou, nee
M: Niet?! Dat kan niet!
I: [duidelijk] Wel! Ze vinden me heel leuk!
M: Wat?! Jíj bent hier de manipulator
I: [helemaal vrolijk lachend] Ja!
M: Ze hebben gewoon heel goed naar jou gekeken!

I: Ja! Red mij mannen!
A: Oke, wat ga je veranderen? Wil je ze weg hebben?
I: [zacht, ondeugend, lief] Nee….ik wil in verbinding blijven
A: Ben je wel eens alleen met ze weggeweest?
I: Nee, ze worden ouder en gaan wel eens met hun moeder op pad
A: Zie je wel Toch jaloezie van jouw kant. Jij bent gewoon jouw meiden kwijt!
I: Huh? Denk je?
A: Ja tuurlijk, je houdt van ze en ze laten jou gewoon links liggen!
I: Denk je?! Ik hou inderdaad wel van ze.
M: Jouw droom is met ze weg toch?
I: Ja, dat was Portugal.
M: Daar was jouw man bij, dat telt niet. Een girls only! Lieve schat, als ze jou echt leuk vinden? Dan gaan ze met je mee, toch? Dan zeg je tegen je man…wij drie vrouwen zijn er ff niet…
I: Ik heb ze meegenomen naar Azië… een paar jaar geleden, met hun vader uiteraard…vonden ze spannend, vies, bijzonder en ook heel vet! Dat was wel echt leuk ja.
A: Nou, wat ga je doen, Waddeneilanden, Festival, WAT?!……Twee nachtjes, eerste avond zuipen,  veel wit en tweede gezellig bijkomen….

I: [geactiveerd, vrolijk] Ik weet niet of het nog te regelen is? Een festival in de zomer?
M: Nee, denk het niet…jammer voor ze.
I: [stellig met grote lach] Ach tuurlijk wel! Ik vind het een goed idee! Ik ga samen met de twee heksen naar een festival! Zin in!!!!

Evelyn kan niet profi-leren

Evelyn komt de coachsalon binnen, een kordate dame, midden dertig met een vrolijk humeur. We zijn bij een grote onderwijsorganisatie in het midden van het land.

A: Als ik jou zo zie binnenkomen, dan denk ik niet, die heeft een heel groot probleem, toch?E: [lacht] Nee dat klopt, het is klein probleem.
A: Gelukkig…zijn we snel klaar! Wat is het?
E: Nou, ik ben werkzaam in een bepaalde rol en wil een stapje verder. Nu vraagt de directie zich af of ik me in die rol wel kan profileren….
A: Kun je het wel?
E: Een beetje.
A: [vrolijk] Dat lijkt me niet voldoende….een beetje. Ik snap de directie wel!
E: Oh…Maar dat kan ik wel leren. Alleen, ik weet niet of het bij me past.
A: [vrolijkj] Dat weet ik wel, het past zeker niet bij je…toch?
E: Ja maar….het is geen activiteit maar een houding.
M: Ben je lenig?
E: [verbaasd, lachterig] huh, hoezo?
M: Nou, die houding…..lukt je dat wel? Je ziet er niet uit als een yogavrouw…
E: [schaterlach] Ik ben zeker lenig, maar ze verwachten een beetje een bitchy houding.
M: Ben je mentaal ook lenig?!
E: Jazeker, maar ik weet niet of het bij me past.
A: Je zegt al drie keer achter elkaar dat je NIET weet of het bij je past….luister nou eens. Je bent te lief, te zacht toch?
E: Ja, dat denken ze….maar ik ben echt wel standvastig, kom voor mezelf op en durf wel beslissingen te nemen.
A: Je geeft nu al leiding toch?
E: Ja, maar dan ga ik direct onder directie vallen. Dus een groter team. Ze denken dat ik de transformatie niet kan maken…
M: [warrig] Ik zie het niet…jij?
E: [verbaasd] Wat niet?
M: Nou, dat!
E: Nee…ik ook niet|
M: [in de war] Wat niet? Ik ben de draad kwijt

A: Ik zie het jou niet doen! Ik vind je behoorlijk twijfelachtig, chaotisch….jij bent toch geen duidelijke leider?
E: [timide] Zie je wel….dat dus…Ik heb het gevoel dat ik me niet goed profileer…..
A: Dat is geen gevoel, maar een feit! Profi-leer! Dat is dus professioneel – profi – leren. Dat kun jij niet….profi-leren….
E: [met zucht] Ze willen dat ik het helemaal uitleg, waarom ik geschikt ben, welke plannen ik dan heb et cetera.
A: Lijkt me heel logisch als jij de nieuwe leider wordt toch?
E: Terwijl ik functioneer al drie jaar goed in deze rol, men is tevreden en…..
M: Ben JIJ ook tevreden?
E: [verward] wat bedoel je?
M: Nou, gewoon….vind je het wel leuk hier?! Volgens mij namelijk niet echt. En ga je jezelf ook nog verder in de nesten werken als je een vervolgstap maakt…volgens mij moet je hier gewoon weg!
E: [verbaasd] weg!? Nee…hoe bedoel je…ik bedoel…..ik heb het hier op zich wel naar mijn zin….maar ik moet me altijd zo bewijzen….vermoeiend……het is net of de directie me niet vertrouwd…..[Evelyn schrikt van haar eigen uitspraak]
A: Zeg dat nog eens?
E: [gote ogen]…het is net of de directie me niet vertrouwd…..

Evelyn is van haar stuk gebracht….we laten de stilte haar werk even doen….na ongeveer een halve minuut kijkt ze ons beiden via de spiegel aan.

E: Ze vertrouwen me niet. Shit. Dat ik dat niet eerder zag. [bozig] Ze vertrouwen me gewoon niet!….maar als dat zo is, dan…….
A: ….Wil je hier helemaal niet verder?
E: [lach] Ja, nee, zoiets….dan wil ik eerst wel een ander gesprek met ze voeren. [stevig] Ik wil de stap maken op mijn manier….zoals ik mijn werk goed doe….en jaren heb gedaan….En als deze manier niet werkt, dan ga ik andere keuzes maken…
M: Aiaiai….hebben we je nu van jouw ambitie weggehaald? Hopelijk niet toch?

E: [prachtige open lach en gezicht] Dat zeker niet….maar als het vertrouwen bij hen er niet oprecht is….dan is het beter een ander pad te kiezen. Maar ik ga het allemaal niet verantwoorden, toelichten et cetera. Kom op zeg! Ik weet echt wel waar ik goed in ben!

Brigitte wil skiën in een rolstoel.

We staan op een openlucht festival. Brigitte komt de coachsalon binnen. Een gezellige verschijning, enigszins vermoeid uiterlijk maar ze doet vrolijk.

A: Hi Brigitte, wat kom je doen?
B: Nou, een beetje laten verrassen en uitdagen.
A: Je hebt wel een probleem toch?
B: Nou…
A: Een dingetje of issue mag ook. Zijn we snel klaar. Dus wat is het probleem?
B: [zucht] Nou, ik blijf ergens een beetje in hangen.
A: Lekker concreet Brigitte! Ik blijf ergens een beetje in hangen…dat valt mij reuze mee en is dus zo opgelost.
B: Ik ben negenenveertig!
M: Ha, gefeliciteerd! Bijna vijftig!
B: [lach] Ik word wel ouder….
A: [verbaasd enthousiast] Wel! Mooi is dat toch?!
B: Het voelt alsof ik in beweging moet komen.
A: Ik zou het niet doen…je bent ergens een beetje in blijven hangen….volgens mij vind je dat prima! Hoe lang al?
B: [lacht] Tien jaar hetzelfde werk..
A: Tien jaar! Dat is niks toch?
B: Tja, dat is een deel van het probleem…
M: Wat is het tweede deel dan? Je maakt het wel spannend.
B: Ik heb een ziekte, daardoor blijf ik hangen.
A: [dwars erdoor heen] Dus je accepteert niet dat je ziek bent…
M: Welke ziekte heb je?
B: Ik heb sinds 2010 MS. Sinds 2015 ben ik met regelmaat heel ziek geweest…lijf verdoofd, minder energie, veel aan mijn hoofd dus..
M: Wordt het erger? Is het progressief?
B: Nee, dat niet…
A: Je bent dus ziek! Je hebt MS. Dat is kut met peren toch?
B: Ja! Ik wil veel dingen doen, heb veel ambities.
A: Stel je had de ziekte niet gehad, was het dan anders geweest? Al die ambities hebben niets met MS te maken toch?
B: Ik durf geen stappen te maken.
M: [grappend] Nee, met MS zou ik ook geen stappen durven maken…voor je het weet lig je eruit. Uit je rolstoel dan
B: [luide lach] Nou, dat beeld heb ik ook wel eens.
A: [lacht]Ik zie het helemaal voor me….Brigitte met MS in een rolstoel die grote stappen wil maken….snap je dan niet dat dat helemaal niet kan….of met dat ding de roltrap op….Brigitte toch
B: [lacht heerlijk hard]…nee zo erg is het niet.
M: Dus je stelt je aan!
B: Nee, ik ben soms echt moe en heb pijn.
M: Houdt je gezin je tegen?
B: Nee, die houden nergens rekening mee. Die laten me van alles opknappen.
A: [vrolijk, kinderstem] Mama is ziek…maar we helpen haar lekker niet!
M: Dus je doet het helemaal zelf toch? Jij houdt jezelf tegen.
B: Ik ga continu over mijn grenzen….
A: Waar ben je nu eigenlijk in blijven hangen?
B: Ik weet niet goed wat ik wil, ik pak alles op….ik kies niet waar ik blij van wordt en wel veel waar ik moe van wordt!
A: Dat vind ik zo mooi aan jou….lekker concreet. Je weet niet wat je wilt, pakt wel alles op, kiest niet waar je blij van wordt en wel waar je moe van wordt…dan is die rolstoel in de toekomst wel handig…kun je lekker uitrusten toch?
B: [luide lach]
A: Nou Brigitte, waar wordt je blij van en heb je zin in? Kom op! Concreet!
B: [staccato…beetje hard]. Ik.wil.op.skivakantie.en.op.wandklimles!
M: [lacht] Lekker praktisch…in Nederland…dat je dingen kiest waar je moe van wordt zie ik wel. Met MS, geen bergen in Nederland…
B: Ja, ik zoek dingen die ik moeilijk vind en uitdagend zijn.
A: [bozig] Wat wil je bewijzen? Je krijgt allemaal grenzen aangegeven en jij zegt fuck de grens. Het heet niet voor niets een grens! Eigenlijk is het jouw eigen schuld dat je MS hebt…dat is een duidelijkste grens toch?
B: [glimlach, timide] dat heb ik wel eens gedacht ja…dat het mijn eigen schuld is…omdat ik altijd maar doorga…
A: Het zou veel beter zijn dat je in een rolstoel zou zitten! Kun je in ieder geval niet meer skiien en bergbeklimmen! Allemachtig
B: [weer heerlijke oprechte lach] Maar ik ga het wel doen!
M: Dus jij gaat twee keer per jaar iets doen wat je heel leuk vind, op skivakantie en bergklimmen leren!
B: Ik word er heel blij van nu je dat zo zegt. Ik ga het doen!
A: Mooi. Geregeld….

Faalangstige Evelyn

We zijn op een werkfestival. Evelyn komt de coachsalon binnen. Een charmante en pittige dame van vijftig jaar.

M: Ga zitten. Heb je een goede vakantie gehad?
E: [vrolijk] Ja heerlijk!
M: Wat is het leukste dat je hebt gedaan?
E: [energiek] Ik heb veel vrijwilligerswerk gedaan, opvang voor Oekraïners georganiseerd. Zwaar en ook prachtig werk.
M: Dus jij bent een zorgzaam type, voor anderen dan toch?!
A: We hebben er weer eentje Martijn. [diepe zucht] Wat voor cijfer geef jij je leven op dit moment Evelyn?
E: Ik ben normaal heel positief, op zich zou ik me normaal een….
A: Zie je wel, weer eentje….dit wordt niet boven de acht
E: [luide lach] Normaal zou ik inderdaad een acht geven, maar nu misschien een zesje?
A: Typisch! Hoe komt het Evelyn? Relatieproblemen, ontslagen?
E: Nou, was dat maar waar……ik ben in de overgang!
M: Ja, dat is geen probleem, maar een feit toch?! Daar kun je dus niets aan veranderen! Wat is dan het probleem. Het thuisfront zal het zwaar hebben met een vrouw in de overgang zeg….
E: [lacht] Nou inderdaad, ik ben heel emotioneel, snel boos en wordt er onzeker van. De kids hopen dat het snel over is. Ik ben gewoon minder leuk, kort lontje, heel verdrietig en heel wiebelig gewoon.
A: Als een soort oud krukje dat heel wiebelig is, als je erop gaat zitten is de kans groot dat je er door heen zakt.
E: Zo voelt het precies, het hele gezin wil op mij leunen, dat kon altijd prima, maar nu even niet!
A: Dus wat is nu precies het probleem?
E: Ik ben onzeker geworden. De emoties die er altijd al waren worden versterkt, ik ben ook faalangstig geworden!
A: Oei, dat is wel ingewikkeld….je bent wel echt een geval Evelyn. Je zegt dat de emoties die er altijd al waren nu worden versterkt. Dus je bént gewoon onzeker en ook faalangstig. Alleen heb je dat al die tijd heel goed verborgen gehouden. De echte Evelyn wordt eindelijk zichtbaar! Je bent een wolf in schaapskleren, jouw arme man en kinderen. Verschrikkelijke moeder!
E: Nou, het is inderdaad niet zo leuk…ik durf gewoon geen nieuwe dingen meer te ondernemen.
M: En terecht ook! Kijk eens hoe je hier zit, je doet heel energiek en vrolijk voor de bühne terwijl je eigenlijk een heel onzeker klein vogeltje bent. [handgebaar, vogelnestje]….[klagerig] tjilp, tjilp
E:[lacht hard] Nou, zo erg is het ook niet!
M: Ben je überhaupt wel ergens goed in of ben je echt totaal mislukt!
E: [Lachend] Pas op hoor!
A: Nee, serieus! Jouw ware emoties laten zich zien, een faalangstig en verdrietig vogeltje die eruit ziet als een pauw….maar eigenlijk ben je een soort treurparkiet
E: [lach] kom op jongens!
M: werkt jouw man eigenlijk? En wat vind hij?
A: Evelyn, trek eens een heel gekke bek
E: [verbaasd] wat?!
A: Gewoon een gekke bek!
E:  [trekt met glimmende ogen een gekke bek] Zoiets?
M: Nee, echt een gekke bek
E: [staat lachend op] Maakt grommend geluid en trekt gekke bek
We lachen alle drie, het verdrietige vogeltje is gevlogen, Evelyn gaat weer zitten.

E: Waar was dat nou voor nodig?
M: Geen idee, heeft het geholpen?
E: Ja, het relativeert, ik dacht ‘hoe zou ik er over een jaar naar kijken?’
M: En?
E: Ach, dan ben ik weer verder, heb leuke opdrachten gedaan…..ik neem het misschien ook te serieus!
A: Nou Evelyn, dat lijkt me wel nodig, [fronst nadrukkelijk] je hebt heel belangrijk werk, durft geen nieuwe dingen te doen, bent faalangstig, moet je kinderen goed opvoeden en bent ook nog eens in de overgang. Dat ís heel serieus, dus daar moet je ook zo mee om gaan!

E: Ach wel nee, die mensen in Oekraïne, dat is pas echt heftig!
A: En kijk eens hoe zij het oplossen…..hun president is gewoon een komiek!

E: [lacht hard] Oh mannen, heerlijk! Lang niet meer zo gelachen, ik ben er wel uit. Ik ga het gewoon wat minder serieus en luchtiger tegemoet, ik ben vijftig jaar, heb altijd nieuwe dingen ontdekt, projecten gedaan en het is iedere keer gelukt! Dus hoezo faalangst! Gewoon doen!!

Wanda heeft de ziekte ALS…..wat een slecht excuus!

Wanda is een degelijke verschijning, met een vrolijke blik en komt toch vermoeid over.
Deze Mentale Knipbeurt gaat in een heel hoog tempo….

M: Welkom Wanda….wat kom je doen?
W: Ik kom me een beetje laten verrassen en uitdagen…
M: Maar je hebt hopelijk wel een probleem toch? Beetje verrassen en uitdagen kan ook in de kroeg…
W: [guitige blik] Nou probleem….
A: Een dingetje?!
W: Nou, ik blijf soms een beetje hangen in dingen….
M: [onderbreekt] hangen in dingen….dat vind ik zo mooi aan jou, dat je zo lekker duidelijk bent.
A: Het probleem is dus dat je blijft hangen….
W: Dat is een deel van het probleem…
M: Oke. En het andere deel?
W: Is dat ik een ziekte heb waardoor ik beperkt kan werken en ik wil me bewijzen….
M: Je accepteert dus niet dat je de ziekte hebt….
W: Dat denk ik wel ja…
A: Dat lijkt me wel duidelijk. Het is ook beter het niet te accepteren….dan wordt je zo’n geval. Zo’n zielepiet. Je kunt beter net doen alsof er helemaal niets aan de hand is toch?!
M: Welke ziekte heb je?
W: Ik heb ALS.
A: Sinds wanneer weet je dat?
W: Sinds 2012….dus nu tien jaar
M: Heb je het wel gevierd? Het tien jarig jubileum? Lijkt me wel een feestje waard toch?
W: [lacht hard] ik zie het helemaal voor me…….ik ben een tijd echt ziek geweest…dan heb ik allerlei bijkomende klachten en kon niet meer werken.
A: En wordt het ook erger? Of blijft het stabiel?
W: [wuift weg] Ik wil het gewoon vergeten….ik heb ambities in werk en wil leuke dingen doen met gezin.
M: Was het anders geweest? Als je niet ziek was geweest?
W: Nou, nee… die ambities zou ik ook hebben.
M: Dus veel willen doen heeft niets met de ziekte te maken toch? Je gebruikt het gewoon als excuus….
W: [verrast] nou nee…
A: [geinige toon] Oooohhhh……dus jij gebruikt jouw ziekte als excuus. Hoe durf je! Belemmert jouw gezin jouw ambities ook? Houden die je tegen?
W: Nee, ook niet…
A: Dus jij bent gewoon stronteigenwijs…en gebruikt het als excuus.
M: Nu zeg je dat de ziekte je niet belemmert….waar ben je in blijven hangen?
W: Ik weet niet goed wat ik wil…..
A: [verbaasd] Niet? Je hebt veel ambities zei je net….
W: Ik neem te veel taken op….kiezen waar ik echt blij van word doe ik niet….ik doe veel andere dingen waar ik moe van word.
M: Dat vind ik wel geinig aan jou….dat je niet de dingen doet waar je blij van wordt….zeker als je een ziekte heb vind ik dat wel heel stoer!
A: Waar word je blij van?
W: Meer sporten, snorkelen, duiken, leren surfen…komt er iedere keer niet van…..ik zoek dingen die ik moeilijk vind…
M: Die ziekte is gewoon een zegen voor jou….je krijgt allerlei grenzen aangeboden en jij zegt telkens fuck die grens….ik WIL wel surfen….maar ik DOE het niet….Dus laat jij je nu belemmeren of niet…ik ben totaal in de war
A: Misschien moet je er nog een ziekte bij hebben…..nog een ergere spierziekte of de overgang of zo?
W: [lacht hard] Ik laat me gewoon te veel gijzelen door van alles….verwachtingen, ziekte, gezin….ik wil gewoon meer leuke dingen doen. En niet met alles rekening houden….wat een idioot gesprek is dit zeg? maar het wordt wel duidelijk…
A: Fijn dat het jou duidelijk wordt….ik ben totaal in de war.

M: Wie neemt thuis de beslissingen?
W: [duidelijk] Ik! Ik regel altijd alles.
A: Maar je laat het wel van alles en iedereen afhangen…..
W: Soms willen de kinderen het niet en dan….
A: Precies. Dus dan doe je het niet….mooi! Alles voor het gezin. Is een symptoom van ALS dat je jezelf wegcijfert? Geinig. Wist ik niet….
M: Dus wat ga jij voor jouzelf doen Wanda? Snorkelvakantie en windsurfles toch?
A: Wat zou het voor je betekenen als je het zou doen?
W: [vrolijk] Ik word er wel blij van
M: Dan zou ik het niet doen!
A: Precies….blijf in je patroon Wanda! Geen dingen voor jezelf doen!
W: Het is klaar! Ik ga het wel doen! Ik loop al zo lang met dit idee….
A: En binnenkort kun je er niet meer mee lopen….alleen nog maar mee rolstoelen toch?!
W: [harde lach] Eerlijk gezegd maak ik me daar niet zoveel zorgen over, maar het is wel zo dat ik het nu nog goed kan doen. Dus ik ga het plannen!

Esther in haar modderpoel

Esther is de 28e client vandaag en tevens de laatste van de dag. Ze is door een bevriende collega gestuurd. Ze twijfelde of ze het wel moest doen. Ze is net dertig en spreekt met een Limburgse tongval.

A: Hi , goed dat je er bent!
E: Ja, nou ik weet het niet…
A: Dat vind ik zo mooi aan jou, dat je direct twijfel zaait. Maar wat is jouw probleem? Iemand met zo’n prachtige zachte G en dito uiterlijk kan volgens mij niet echt een probleem hebben…
E: [ongeruste blik] Mijn probleem, nou ja, is eigenlijk een beetje dat een jongen met wie ik aan het daten ben….uhh mijn leven beïnvloed.
A: Mooi! Concreet! Super. En dat hij jouw leven beïnvloed lijkt me logisch! Jij beïnvloedt mijn leven nu ook. Dus wat is ook alweer het probleem?
E: [verward] Ik ben dus aan het daten met een jongen….
A: Ja, dat zei je al…
E: En hij….nou ja….is gewoon….
A: [heel vrolijk en energiek] Goed! Ik zou het gewoon doen! Lijkt me hartstikke duidelijk! Heb je nog een probleem? Dit lijkt me opgelost.
E: huh, wat bedoel je?
A: Het is duidelijk dat deze jongen jou niet gelukkig gaat maken. En je bent nog maar aan het daten…dus stoppen.
E: Ik heb al zes maanden iets met hem….
A: Ah, dat is de generatiekloof dan, toen ik vroeger aan het daten was, had ik nog geen relatie, maar alleen een beetje uitproberen….of is daten Limburgs voor het hebben van een relatie?
E: Nou, het is een beetje haat-liefde…ik weet het niet precies.
M: Hij is wel lief toch? Jullie hebben wel een leuke tijd samen?
E: Nou….nee, dat ook niet. Het is niet altijd leuk.
M: Nee, uiteraard niet. Het leven is niet ALTIJD leuk, maar als je zes maanden bij iemand bent, is het wel een voldoende anders was jij er al lang mee gestopt.
E: Eerst was het wel leuk; samen dingen ondernemen. Maar ik ben kortgeleden hier komen werken. Het is moeilijk energie verdelen. Ik kies liever voor mijn werk dan voor de relatie…
A: Oke, nu is het al een relatie, eerst was het daten. Toen ”had’ je iets met hem, en nu is het al een relatie. Zo meteen vertel je dat je eigenlijk al getrouwd bent. Wel fijn dat je zo lekker duidelijk bent Esther….daar snapt..hoe heet ie eigenlijk?
E: [lacht] Rob
A: Nou, daar snapt Rob dus helemaal niets van. Mannen willen duidelijkheid. Niet dat eeuwige verbloemen en ingewikkelde gedrag. Dus jij mag kiezen!
E: [verbaasd] kiezen?
A: Ja, net zeg je dat je liever kiest voor je werk dan voor je relatie met Rob. Dus!
M: Ik zeg bye bye Rob! Dat is duidelijk de beste oplossing.
A: [pakt Esther vast bij schouder] Maar die kies jij natuurlijk niet….beter doormodderen. Dat is typisch Limburgs volgens mij. Hadden ze in Valkenburg twee jaar geleden, met die overstromingen…… veel modder.
E: [schiet in de lach] Nou, zo voelt het wel, Rob woont in Valkenburg toevallig, maar het voelt alsof ik door de modder moet lopen met hem….hij zit gewoon niet op mijn niveau!
M: [schudt moedeloos zijn hoofd] Nu gaat het weer over zijn niveau…..kies nou gewoon mens…
E: [lacht hard] ja, het is ook…… [wederom lach]. Ik ben gewoon een enorme twijfelaar. Ergens weet ik het ook wel natuurlijk.
A: Duidelijk. Je gaat afscheid nemen! Hoe ga je het doen?
E: Geen idee.
M: [gaat tegenover Esther zitten]. Oke, ik ben Rob. “wat wilde je met me bespreken lieverd?”
E: [blokkeert, hakkelt] Uh, ja, nou…ehm..

A: Esther, je hebt ook gelijk. Het is gewoon beter om bij Rob te blijven. Ondanks dat hij niet jouw niveau heeft, veel energie kost en het niet echt leuk is. Dat vind ik zo mooi aan jou, jouw Limburgse twijfel en vasthouden aan Rob. Doormodderen met Rob!
M: Precies! Best is ook gewoon om met hem te gaan trouwen. Dan hoef je niet meer te twijfelen en…
E: [onderbreekt met lach] met hem?! Ik moet er niet aan denken!

We laten Esther even met deze uitspraak…….

E: Ik vind het gewoon niet netjes om de relatie te beëindigen, misschien moeten we nog eens….blablabla

Esther blijft om de hete brij heendraaien, en enigszins ontevreden beëindigen wij de Mentale Knipbeurt. Een aantal dagen later krijgen we een e-mailbericht van haar.

“Ik heb het uitgemaakt met Rob, op de terugweg in de auto draaide ik de Mentale Knipbeurt nog eens af in mijn hoofd en was het wel heel duidelijk. Ik vond het heel lastig, maar voel me erg opgelucht, het is de goede beslissing. Dank Martijn en Arno”

Herma droomt van petit fours

We zijn bij een grote landelijke zorgverlener. Herma komt de coachsalon binnen. Eind veertig, enigszins tam en met een knalgele blouse met kleurrijke vogels….

M: Hi Herma, ben jij net zo vrolijk als jouw blouse?
H: [mat, nasaal] Nou, ik zie wel wat er komt….in mijn leven is niet alles zo vrolijk moet ik zeggen.
M: [vrolijk] Ah, fijn, dus meerdere problemen lijkt me toch?
H: Ja, in mijn leven is lang niet alles positief….
M: Top! Weet je wat?!. We doen het grootste probleem, dus niet de huis-tuin-en-keuken probleempjes. Die los je zelf maar op…
H: [verbaasd] Het grootste probleem? Dat is moeilijk te zeggen, ik heb er genoeg. Welke zal ik doen…..lastig. Voordat ik binnenkwam had ik besloten het te hebben over mijn puberzoon.
M: Zou je dat wel doen? Ik merk dat je nogal twijfelt…..
H: Nee, ja…nou nee. Ik doe toch mijn puberzoon!
A: Mooi! Lekker concreet ben je!!
H: Mijn puberzoon Erik is nogal lui.
M: Uiteraard….wat is het probleem dan? Alle pubers zijn lui.
H: Mijn omgang met hem is gewoon lastig.
A: [herhaalt] Mijn omgang met hem is gewoon lastig. Jij bent wel lekker duidelijk Herma! Wat is concreet het probleem?!
H: Ik vind het loslaten ontzettend moeilijk.
M: Dat is juist fantastisch, dat laat zien dat je heel veel van hem houdt en hem niet wil laten gaan. Je bent een geweldige moeder!
H: [glimlach, lief] Ja, dat is wel zo, maar hij doet niets! Hij ligt lang in bed, doet voor tweede keer vier VWO, heeft ADHD en doet jaren niets….
M: Typisch voor een puber…wat is het probleem?
H: [geagiteerd] Ik maak me heel erg boos, het gaat tegen mijn normen en waarden in!
A: [luid, bozig]Hij is dus gewoon aartslui! Wat een verschrikkelijke puber zeg….die gaat tegen de normen en waarden van zijn mama in. Ik sta helemaal aan jou kant, HUP HERMA!
H: Nou….ja….zoiets
M: Typische puber toch? Had jij ook vroeger lijkt me…
H: [zacht] Ja, nou, dat is wel zo…..maar mijn moeder haalde me gewoon uit bed!
A: Wat een vreselijke moeder!
H: [lacht] Ja, dat dacht ik toen ook.
M: Dus hij heeft dat luie gewoon van jou! Dat had jij ook. Iets met een appel en een boom…
H: [lacht hard] Nou, dat heb ik ook inderdaad! Maar ik heb het toegedekt met allerlei sociaal wenselijk gedrag. Ik ben een braaf type.
M: Dus eigenlijk doet Erik wat jij ook had gewild! Hij durft wel zijn eigen keuzes te maken. Je bent gewoon jaloers op hem. En jij lijkt op jouw moeder!
A: En bevalt je dat goed? Dat sociaal wenselijke gedrag? Daarmee ben je denk ik precies gekomen waar je wilt toch?
H: Dat was mijn andere probleem….
M: Nou, voor deze keer kunnen we die ook wel meepakken.
A: Als je diep van binnen kijkt, doe je dan de dingen die je wilt? Het lijkt erop van niet….maar het is wel sociaal wenselijk. Ik zou het maar niet veranderen. Je wilt toch niet dat je echt de dingen gaat doen die voor jou belangrijk zijn toch? Daar ben je veel te braaf voor…
H: Ik heb altijd al gedroomd van iets met horeca, bakken en koken vind ik heerlijk.
M: Ja, dromen….tja. Je weet zelf ook wel waarom dat dromen heten toch? Komen nooit uit!
H: Ik heb verschillende restaurants doorgerekend en er plannen voor gemaakt, samen met mijn man….
M: Ja precies, lekker veilig doorrekenen, plannen maken, maar niets doen. Lijkt me ook beter, dat wordt natuurlijk helemaal niets! Blijf gewoon lekker veilig hier werken.
H: [opstandig] Ik heb weer een jaarcontract, daar baal ik ook van! Ook merk ik dat mijn energie hier minder wordt.
M: Maar wel lekker veilig! In ieder geval geen dromen najagen, maar met beide benen braaf op de grond.
A: [tegen Martijn] ik zie het Herma ook niet doen, dat is veel te spannend, ze weet helemaal niets van horeca en heeft geen idee!
M: [tegen Arno] Eens! Dit is veel beter voor haar. Én sociaal wenselijk. Dat wil ze eigenlijk wel het liefst….

H: [lacht] Jullie zitten me uit te dagen.
A: Serieus Herma, ik heb het gevoel dat je geen lucht krijgt. Je doet niet waar je hart sneller van gaat kloppen. Je hebt geleerd om serieus en braaf te doen, maar je onderdrukt een passie! Eigenlijk ben je veel mooier en creatiever dan je laat zien. Je bent veel meer jouw blouse!
H: [fleurt zichtbaar op en gaat mee in Arno zijn verhaal] Ja! Dat is wel zo. Ik maak al heel lang mooie petit fours met heel gedetailleerde versieringen erop.
M: Maar ik denk niet dat je het gaat doen! Lijkt me ook beter….
H: [met energie]Ik heb het al een tijd met mijn man over het serieus oppakken. Ik woon in Amsterdam en ken de cateraars van de Stopera en Concertgebouw goed. Ik heb een professionele keuken waar ik de petit fours klaarmaak, die zou ik willen aanbieden tijdens voorstellingen en concerten en dan thematisch. Dus voor klassieke concerten, opera’s, theatervoorstellingen et cetera. Ik weet precies hoe ik ze wil maken en welke thema’s goed zouden passen. Dit zou ook heel goed naar sommige bioscopen kunnen….. En dat kan eerst prima naast mijn huidige baan.
M: [knipoog] Oh jee, je bent enthousiast. Je overweegt het niet echt hoop ik toch? Dit is een heel slecht idee namelijk! Dit mag vast niet van jouw moeder!!
H: [bevrijdende lach] Ik ga het gewoon doen! Ik heb het plan al helemaal klaar!